“Epidemiologie is momenteel relevanter dan ooit”
De afdeling Epidemiologie van de Faculty of Health, Medicine and Life Sciences van de UM bestaat in 2026 bijna 50 jaar en is dus ongeveer net zo oud als de universiteit zelf. Hoogleraren Matty Weijenberg en IJmert Kant vertellen hoe het vakgebied in de afgelopen jaren is veranderd en waarom het juist nu zo belangrijk is.
Jarenlang ging de meeste aandacht binnen epidemiologie uit naar het ontstaan en het verloop van (chronische) ziektes binnen groepen mensen. Dit is belangrijk voor het voorkomen van (chronische) ziektes en het ontwikkelen van effectieve behandelingen. “Tegenwoordig wordt er ook gekeken naar de gevolgen van (chronische) ziektes en hoe je die gevolgen kunt beperken”, zegt Weijenberg. Kant vult aan: “Het doel daarvan is dat mensen die een chronische ziekte hebben, op een prettige manier kunnen blijven meedoen op de arbeidsmarkt en in de samenleving. Ook als ze ouder worden.”
Verhoging AOW-leeftijd geen goed idee
Kant is daarom helemaal geen voorstander van de plannen van het kabinet om de AOW-leeftijd stapsgewijs te verhogen. “Hierdoor wordt de ongelijkheid onder werkenden alleen maar groter. Om een voorbeeld te geven: de gemiddelde levensverwachting voor mannen is op dit moment 80,5 jaar. Maar er zijn grote verschillen tussen hoogopgeleide en laagopgeleide mannen: de levensverwachting van hoogopgeleide mannen is 82,9 jaar. Die van laagopgeleide mannen ‘slechts’ 76,5 jaar. Dit verschil is nóg groter als we ook naar de gezonde levensverwachting kijken. Die is voor hoogopgeleide mannen 69,4 jaar en voor laagopgeleide 53,7 jaar. Een verschil van ruim 15 jaar.”
Gemiddeld hebben laagopgeleide mannen dus al gezondheidsklachten vóórdat ze met pensioen gaan. Kant: “Een algemene verhoging van de pensioenleeftijd maakt dit verschil alleen maar groter. Daarom zou het veel beter zijn om pensioenregelingen op maat aan te bieden: wie gezondheidsklachten heeft, kan eerder met pensioen. Dit was ook het advies van de commissie ‘Gezond en langer doorwerken’ van de Gezondheidsraad, waar ik lid van was. Dit advies was mede het resultaat van het onderzoek dat ik met mijn team heb gedaan naar de gevolgen van langer doorwerken.”
IJmert Kant is emeritus hoogleraar Arbeidsepidemiologie. Zijn onderzoek richt zich op de relatie tussen werk en gezondheid. De focus in zijn onderzoek ligt op de rol die de psychosociale werkomgeving speelt bij het ontstaan van (mentale) gezondheidsproblemen. Ook de mogelijkheden en onmogelijkheden van doorwerken op latere leeftijd krijgen veel aandacht. Hij is de oprichter van de Maastrichtse Cohort Studie (MCS) en is tevens verbonden aan onderzoeksinstituut CAPHRI.
Dikkedarmkanker en leefstijl
Weijenberg en Kant hebben allebei hun eigen specialisme binnen de epidemiologie. Weijenberg houdt zich bezig met kanker- en moleculaire epidemiologie. “Ik wil graag weten welke rol leefstijl speelt bij het verloop en herstel van dikkedarmkanker”, vertelt ze. “Dat is een van de speerpunten van mijn leerstoel en de EnCoRe-studie. Inmiddels kunnen we stellen dat je met een gezonde leefstijl het risico op dikkedarmkanker verkleint. Daar zijn wetenschappelijk gezien voldoende aanwijzingen voor. Het behoud van een gezond gewicht, regelmatig bewegen, niet te veel zitten, geen alcohol drinken en stoppen met roken spelen daarbij een belangrijke rol. Het helpt ook om weinig bewerkt en rood vlees en juist veel vezelrijk voedsel te eten, zoals groente en fruit.”
Helaas is nog niet duidelijk welke leefstijlfactoren een positieve invloed hebben op klachten die ontstaan nadat mensen zijn behandeld voor dikkedarmkanker. Denk aan chronische vermoeidheid en zenuwpijn in handen en voeten als gevolg van zenuwschade door chemotherapie. Weijenberg: “Die leefstijlfactoren krijgen momenteel weinig aandacht, terwijl ik denk dat er veel winst mee te behalen valt. Daarom doe ik daar onderzoek naar.”
Kant, die onlangs met pensioen ging, richtte zich de afgelopen jaren op arbeidsepidemiologie. In 1998 begon hij met de Maastrichtse Cohort Studie (MCS). Samen met zijn team volgde hij maar liefst 12.000 werknemers in de tijd. Daarbij onderzochten ze onder meer hoe vaak langdurige vermoeidheid voorkomt bij werkenden en waardoor die vermoeidheid ontstaat. Daarnaast keken ze welke invloed werk, privéleven en leefstijl op vermoeidheid hebben en wat de gevolgen zijn van vermoeidheid op functioneren, ziekteverzuim en arbeidsongeschiktheid. Later werd de MCS breder getrokken. Kant: “We kijken nu ook hoe chronische ziektes invloed hebben op het werk. Met andere woorden: kun je nog goed functioneren op de werkvloer en kun je nog blijven werken als je chronisch ziek bent?”
Ook ontwikkelde Kant met zijn team op basis van de MCS een vragenlijst waarmee je werknemers met een hoog risico op toekomstig verzuim kunt opsporen. “Organisaties die gebruikmaken van de vragenlijst, kunnen deze werknemers vroegtijdig ondersteuning of begeleiding bieden. Bijvoorbeeld via een coach of psycholoog”, legt Kant uit. “We hebben in twee grote onderzoeken aangetoond dat het verzuim in de hoogrisicogroep dankzij deze strategie met 45% daalt!”
Matty Weijenberg is hoogleraar Moleculaire Epidemiologie van Kanker en voorzitter van de afdeling Epidemiologie. Haar onderzoek richt zich vooral op de relatie tussen leefstijl en kwaliteit van leven bij mensen met colorectale kanker. Daarbij wordt speciale aandacht besteed aan vermoeidheid en perifere neuropathie (zenuwschade in handen en voeten) die wordt veroorzaakt door chemotherapie. Weijenberg leidt samen met universitair hoofddocent Martijn Bours de EnCoRe-studie, die als basis dient voor het onderzoek. Daarnaast is zij covoorzitter van het Global Cancer Update Programme van het World Cancer Research Fund (WCRF) International en is zij tevens verbonden aan het onderzoeksinstituut GROW.
Successen in de afgelopen 50 jaar
De onderzoeken van Kant zijn mooie voorbeelden van de successen die de afdeling Epidemiologie in de afgelopen 50 jaar heeft behaald. Een ander voorbeeld dat Weijenberg meteen te binnen schiet, is de Nederlandse Cohort Studie naar voeding en kanker, waar zij lang aan heeft gewerkt. “Dit was een grootschalig onderzoek, dat in 1986 begon. Ruim 120.000 Nederlanders tussen de 55 en 69 jaar werden ruim 20 jaar lang gevolgd. Het onderzoek werd opgezet door emeritus hoogleraar Piet van den Brandt en loopt nog steeds, nu onder leiding van universitair docent Colinda Simons. Het is een van de grootste studies ter wereld naar het effect van voeding en leefstijl op verschillende vormen van kanker. Daarmee heeft onze afdeling een zeer belangrijke bijdrage geleverd aan de wereldwijde aanbevelingen voor het voorkomen van kanker.”
Weijenberg en Kant zien de toekomst van het vakgebied epidemiologie positief tegemoet. “De gemiddelde leeftijd in Nederland stijgt. Daarnaast krijgen steeds meer mensen een chronische ziekte. Soms meerdere tegelijk. Het is niet makkelijk om met deze chronische ziektes te blijven functioneren op de arbeidsmarkt en in de maatschappij. Daarvoor zijn nieuwe beleidsmaatregelen en aanbevelingen nodig”, zegt Weijenberg. Kant is het daar helemaal mee eens: “Met epidemiologisch onderzoek kunnen we daar een waardevolle bijdrage aan leveren. Dat maakt ons vakgebied relevanter dan ooit.”
Tekst: Martina Langeveld
Lees ook
-
Vijf FHML-onderzoekers ontvangen Veni-beurs
Van het stimuleren van myelineherstel in hersencellen tot onderzoeken hoe stofjes uit tumoren spieren afbreken: vijf innovatieve FHML-onderzoeksprojecten ontvangen een Veni.
-
Jolijn: “Overdag studeer ik geneeskunde. ’s Avonds sta ik zingend en dansend op het podium”
Tijdens de opening van het academisch jaar 2025 stond Jolijn van Vugt zingend en dansend op het podium van het Theater aan het Vrijthof. Als artiest om precies te zijn. De 21-jarige geneeskundestudent combineert haar studie namelijk met zingen en dansen op hoog niveau. Ze danst bij de Maastrichtse...
-
Waarom vallen mensen met kanker af?
Veel mensen met kanker verliezen ongewild gewicht. Waarom gebeurt dit? Marit van Hooren en Niels Ruber denken dat de darmen ermee te maken hebben.