Unieke samenwerking tussen faculteiten en universiteitsbibliotheek laat zien hoe ‘onzichtbare’ kenniswerkers bijdragen aan Open Science
Kenniswerkers als data stewards, laboranten, bibliothecarissen en IT’ers leveren achter de schermen een belangrijke bijdrage aan wetenschappelijk onderzoek en Open Science. Helaas blijft hun werk vaak onderbelicht. Een gemiste kans, vinden Bart Penders, Yannis Stavrakakis en Penelope Bollini. Daarom werken zij mee aan het project Invisible knowledge work and the transformation and scaling of Open Science practices. “Door het werk van deze onzichtbare kenniswerkers te bestuderen, wil het projectteam laten zien hoe Open Science in de praktijk werkt en hoe het verder kan groeien. Tegelijkertijd zoeken we naar manieren om dit belangrijke werk de erkenning te geven die het verdient”, aldus projectleider Penders.
Stavrakakis en Bollini werken allebei als data steward bij de Universiteitsbibliotheek (UB). “Wij ondersteunen wetenschappers bij het opstellen van datamanagementplannen, slaan onderzoeksdata op een veilige manier op en adviseren over privacy”, zegt Bollini. “Tijdens mijn master maakte ik voor het eerst kennis met datamanagement. Ik vond het vakgebied zo interessant dat ik besloot te solliciteren toen de UB een vacature voor data steward had.”
Ook Stavrakakis koos bewust voor een ondersteunende functie. “De afgelopen 10 jaar werkte ik als onderzoeksassistent voor universiteiten in Griekenland en Ierland. In de praktijk bleek het lastig om een vaste positie als onderzoeker te bemachtigen. Het vinden van nieuwe projecten voelde vaak als een worsteling. Dat wilde ik niet meer. Dus toen ik zag dat de UB behoefte had aan data stewards, greep ik mijn kans. In deze rol komt de kennis en ervaring die ik als onderzoeksassistent heb opgedaan, goed van pas. Tegelijkertijd geeft deze functie mij de stabiliteit waar ik naar zocht. Ik verhuisde van Ierland naar Maastricht en inmiddels zit ik helemaal op mijn plek.”
Toegevoegde waarde
Volgens Stavrakakis en Bollini heeft hun werk veel toegevoegde waarde voor de onderzoekers van de UM. Stavrakakis: “Wij zien er onder meer op toe dat het UM-beleid voor academische integriteit en open science wordt nageleefd. Daarnaast laten wij onderzoekers het belang inzien van goed datamanagement, privacy en het beschermen van gegevens. Natuurlijk helpen we ze daar ook bij.” Bollini vult aan: “Ik merk dat onderzoekers het prettig vinden om te sparren met iemand die helemaal thuis is in de wereld van datamanagement. Dit scheelt ze een hoop tijd. Want dankzij ons hoeven zij niet allerlei documenten uit te pluizen om een antwoord op hun datamanagementvragen te vinden.”
Wel vinden ze het jammer dat hun werk grotendeels onzichtbaar blijft. “Onderzoekers weten daardoor vaak niet dat we er zijn en wat wij voor hen kunnen betekenen”, zegt Bollini.” Stavrakakis knikt instemmend. “Dat geldt ook voor andere kenniswerkers. Wij steken veel tijd en energie in de complexe vraagstukken die onderzoekers bij ons neerleggen. Zo leveren we een belangrijke bijdrage aan wetenschappelijk onderzoek. Ik vind het jammer dat dit niet altijd wordt gezien. Daardoor blijven we toch vaak met een onbevredigd gevoel achter.”
Penelope Bollini heeft een achtergrond in sociale wetenschappen en taalkunde. Als data steward bij de Universiteitsbibliotheek en de Faculty of Arts and Social Sciences (FASoS) van de Universiteit Maastricht ondersteunt ze onderzoekers bij FASoS op het gebied van datamanagement. Momenteel is ze bezig met de ontwikkeling van diensten rond preregistratieprocedures en datageletterdheid in het onderwijs.
Meer erkenning voor kenniswerkers
Bollini en Stavrakakis zijn het erover eens dat de inzet van kenniswerkers meer erkenning verdient. Maar hoe pak je dat aan? Dat is een van de vragen die centraal staat in het project Invisible knowledge work and the transformation and scaling of Open Science practices. Om die vraag te beantwoorden, gaat een postdoctoraal onderzoeker de komende 2 jaar het werk van kenniswerkers bij 3 faculteiten en de UB uitgebreid bestuderen. Projectleider Bart Penders begeleidt deze onderzoeker, samen met een multidisciplinair team. “Yannis en Penelope maken deel uit van dit team, dat verder bestaat uit onderzoekers en ondersteunend personeel van de faculteiten FASoS, FPN en FHML én de UB”, vertelt hij. “Van Open Science NL hebben we een subsidie van € 250.000 ontvangen voor dit project. We willen verder graag weten welke rol kenniswerkers spelen bij Open Science, hoe Open Science in praktijk wordt gebracht en hoe dit in de toekomst verder kan groeien.”
Bijzonder is dat het project is aangevraagd door de 3 faculteiten én de UB samen. Penders: “Normaal gesproken hebben UB-medewerkers daar geen rol in. Door hen nu wél te betrekken, droegen we al vóór de start van het project bij aan de emancipatie van kenniswerkers. De UB-medewerkers hebben formeel de rol van aanvrager én begeleider van de postdoctoraal onderzoeker. Ze zijn dus gelijkwaardig aan de faculteiten. Dit zien wij als een eerste vorm van erkenning van hun werk.”
Million dollar question
Welke andere vormen van erkenning er zijn? Dat is de million dollar question. “Om die te beantwoorden, kijken we ook buiten de academische wereld”, zegt Penders. “Er is al onderzoek gedaan naar onzichtbaar werk op andere plekken in de maatschappij. Bijvoorbeeld in de zorg. Ook is er gekeken naar manieren om dit werk te erkennen. De resultaten van dit onderzoek nemen wij mee in ons eigen onderzoek, want daar kunnen wij van leren. Mogelijke vormen van erkenning zijn bijvoorbeeld een goed salaris, carrièremogelijkheden, opgenomen worden in de auteurslijst van een wetenschappelijke publicatie of een academische prijs. Maar dat is iets wat wij als onderzoekers niet alleen kunnen beslissen. Daarom willen we graag dat kenniswerkers daarover meedenken.”
De eerste resultaten verwacht Penders een halfjaar na de start van het onderzoek (september 2026/red.). “Ik denk dat we versteld zullen staan van de grote hoeveelheid onzichtbaar werk die er binnen onze universiteit bestaat. Op dit moment heeft niemand daar een overzicht van. Ik vind het heel waardevol dat wij daar met ons project voor kunnen zorgen.”
Bart Penders is universitair hoofddocent Biomedische wetenschappen en maatschappij aan de vakgroep Metamedica van de Faculty of Health, Medicine and Life Sciences (FHML) van de Universiteit Maastricht. Hij doet onderzoek naar de geloofwaardigheid van wetenschappelijke kennis en de relaties, structuren en materialen die dit ondersteunen. Hij is vicecoördinator van het Honours Programma van FHML en quality officer van het Care and Public Health Research Institute (CAPHRI) van de UM.
Voedingsbodem
Vanwege het budget van € 250.000 beperkt het onderzoek zich tot de UM. Maar het lijkt Bollini, Stavrakakis en Penders ook erg interessant om eenzelfde soort onderzoek te doen bij andere universiteiten in Nederland of misschien wel bij universiteiten in Europa. Ze zouden het fantastisch vinden als hun project de voedingsbodem wordt voor een vergelijkbaar onderzoek op een veel grotere schaal. “Daarmee komt de erkenning van onzichtbare kenniswerkers weer een stapje dichterbij.”
Tekst: Martina Langeveld