Van onderzoek naar impact: hoe Education Lab en scholen samen werken aan beter onderwijs

De twee co-creatielabs van Ontwikkelkracht (LerarenLab en TaalLab) ontvangen een verlengsubsidie van €4,3 miljoen uit het Nationaal Groeifonds. Daarmee kan de samenwerking tussen scholen en onderzoekers de komende jaren verder worden uitgebreid. Voor Inge de Wolf, hoogleraar Co-creatie en Evaluatie in het Onderwijs aan Universiteit Maastricht en directeur van Education Lab, is dat meer dan een financiële impuls. Het is een bevestiging van een manier van werken waarin wetenschap en onderwijspraktijk elkaar versterken. 

Die overtuiging loopt als een rode draad door haar loopbaan. De Wolf werkt al jarenlang op het snijvlak van onderzoek, beleid en onderwijspraktijk. Ze was mede-initiatiefnemer van Ontwikkelkracht en speelde een belangrijke rol bij de ontwikkeling van het Nationaal Kennisinstituut voor Onderwijs (NKO). Haar expertise en onafhankelijke blik brengen haar nu ook naar de Onderwijsraad. De ministerraad benoemde De Wolf onlangs tot lid van de Onderwijsraad voor de periode 2027-2030. In deze onafhankelijke adviesraad voor de regering en het parlement zal zij haar kennis van onderwijsonderzoek, onderwijspraktijk en -beleid inzetten bij belangrijke vraagstukken over het onderwijs.

Wat haar drijft, is steeds dezelfde vraag: hoe zorgen we ervoor dat kennis uit onderzoek daadwerkelijk terechtkomt in de klas? "Te vaak wordt kennis uit wetenschappelijk onderzoek niet gebruikt in het onderwijs, terwijl scholen tegelijkertijd zoeken naar oplossingen voor complexe vraagstukken. Daar laten we kansen liggen."

Samenwerken vanuit gelijkwaardigheid

Binnen Education Lab, opgericht door hoogleraar De Wolf en UHD Prokic-Breuer, gebeurt dat via de co-creatielabs van Ontwikkelkracht. Daar werken onderzoekers, leraren en schoolleiders samen aan vraagstukken die leven in de praktijk, van lerarentekorten tot taalontwikkeling en onderwijs voor leerlingen met een achterstand. Volgens De Wolf begint succesvolle samenwerking met een belangrijke erkenning: leraren zijn zelf experts in hun gebied. Het doel is niet om van hen onderzoekers te maken, maar ze kennis en tools aan te reiken die ze kunnen toepassen. “Leraren kennen hun leerlingen, hun school en hun vak. Onderzoekers brengen onderzoeksvaardigheden en kennis uit de wetenschappelijke literatuur mee. Juist door die kennis te combineren kom je verder dan wanneer ieder vanuit zijn eigen wereld blijft werken."

Dat vraagt om een andere houding van beide kanten. In de praktijk blijkt dat onderzoekers en scholen niet altijd dezelfde taal spreken. Soms kost het tijd om elkaar echt te begrijpen. Die investering in wederzijds respect is volgens De Wolf essentieel. "Onderzoekers moeten oppassen niet de rol van de arrogante wetenschapper in de ivoren toren aan te nemen. Kleine dingen maken verschil: luisteren, snel reageren en oprechte belangstelling tonen voor de vragen uit de praktijk." Juist in die ontmoetingen ontstaat volgens haar vaak iets bijzonders. Tijdens gezamenlijke Llab dagen verdwijnen vooroordelen over en weer en ontstaat een gedeeld vertrekpunt. 

"Dan ontstaat de magie. Mensen ontdekken wat de ander weet en kan en willen samen verder bouwen."

ROA_Education Lab_Inge de Wolf_1

Eerst begrijpen, dan verbeteren

Een van de belangrijkste lessen die De Wolf de afgelopen jaren heeft geleerd, is dat onderwijsverbetering vaak begint met vertragen. Scholen zijn gewend snel te handelen wanneer zich een probleem voordoet. Dat is een kracht, maar kan er ook toe leiden dat oplossingen worden gekozen voordat duidelijk is wat het probleem precies is.

"Als een school een rekenachterstand ziet, wordt al snel gezocht naar een nieuwe methode of interventie. Wetenschap helpt om eerst goed te kijken: wat is er eigenlijk aan de hand?"

Volgens De Wolf voorkomt die aanpak dat scholen veel tijd en energie investeren in maatregelen die weinig effect hebben. Ze noemt bewegend leren als voorbeeld van een populaire ontwikkeling waar soms grote verwachtingen aan worden gekoppeld. Onderzoek laat echter zien dat het effect vooral zit in korte beweegmomenten tussendoor en veel minder in het bewegend oefenen van lesstof zelf.

"Als je kennis uit onderzoek niet meeneemt, loop je het risico veel energie te steken in iets dat uiteindelijk weinig oplevert."

De kracht van de co-creatielabs zit volgens haar precies in die combinatie van praktijkkennis en wetenschappelijke kennis. Leraren brengen hun ervaring, kennis van leerlingen en schoolcontext mee. Onderzoekers brengen inzichten uit eerder onderzoek in. Samen ontwikkelen ze aanpakken die niet alleen uitvoerbaar zijn, maar ook een grotere kans hebben om daadwerkelijk verschil te maken. Een effect-onderzoek moet vervolgens aantonen of dit ook écht werkt.

Een beweging die groeit

De Wolf ziet dat steeds meer scholen de waarde van deze manier van werken ontdekken. Wat haar positief heeft verrast, is de gretigheid waarmee scholen verder willen zodra ze eenmaal ervaring hebben opgedaan met evidence-informed werken. Ze noemt basisschool De Regenboog in Zoetermeer als voorbeeld. Wat begon met deelname aan een project groeide uit tot een bredere interesse in het benutten van wetenschappelijke kennis binnen de organisatie. De behoefte om onderzoek en praktijk dichter bij elkaar te brengen blijkt groot. 

Anna Vreugdenhil, Directeur basisschool De Regenboog in Zoetermeer vertelt:

“De samenwerking met het Lerarenlab geeft mij als schoolleider veel energie. Bezig zijn met het grotere geheel, verschil maken voor veel meer scholen dan alleen die van mezelf en de fijne samenwerking maken voor mij dat ik er met veel plezier aan deelneem. Het vergroot mijn wereld door met wetenschappers samen te werken. Het is gaaf om zo onze werelden bij elkaar te kunnen brengen en met het beste van beiden anderen weer verder te kunnen helpen. Het allerfijnste is dat ik breed, ver en creatief mag denken. Waar ik in andere situaties daarin geremd wordt - wat nog wel eens tot frustratie kan leiden- wordt dat hier juist gewaardeerd!”

Dat is ook de reden waarom de verlengsubsidie volgens haar zo belangrijk is. Die biedt ruimte om bestaande samenwerkingen te verdiepen, nieuwe scholen aan te laten sluiten en de opgebouwde kennis verder te verspreiden. Inmiddels groeit ook internationaal de belangstelling voor deze aanpak, waarin wetenschappelijke kwaliteit hand in hand gaat met praktische impact.

ROA_Education Lab_Inge de Wolf_3
Inge de Wolf en Anna Vreugdenhil ondertekenen de co-creatieovereenkomst.

Voor De Wolf is dat precies waar Education Lab voor staat. Niet onderzoek doen vanuit een ivoren toren, maar samen met scholen werken aan oplossingen die leerlingen, leraren en schoolleiders daadwerkelijk verder helpen.

"Goed onderwijs vraagt om hoofd, hart én handen. Scholen hebben het hart en de handen al. Onderzoekers versterken het hoofd. Als die drie samenkomen, ontstaat de grootste impact."

Auteur:
Barbara Timmermans