40 jaar ROA: Een instituut dat meegroeit met haar mensen

"ROA is één van de grootste in Europa dat zich al 40 jaar richt op onderzoek op het snijvlak van onderwijs en arbeidsmarkt. 40 jaar bezig zijn in een dergelijke niche is bijzonder voor een instituut dat volledig afhankelijk is van externe financiering. Maar dat kunnen wij door de buitengewone acquisitie kracht van onze teams. Ook de creativiteit die naar bovenkomt door als team aan projecten te werken helpt om met innovatieve ideeën te komen en hier funding voor te zoeken. Vanuit verschillende disciplinaire inzichten voeden wij het wetenschappelijke en maatschappelijke debat over actuele thema’s zoals arbeidskrapte, kwaliteit van het onderwijs en leraren en de impact van AI op arbeid en educatie. Steeds meer zetten wij in op het slim combineren van data (ook kwalitatieve data), het uitrollen van veldexperimenten en co-creatie met bedrijfsleven en onderwijs. Als directeur ben ik bijzonder trots op de kwaliteit van het onderzoek dat wij doen en de impact die wij daarmee hebben in beleid, praktijk en in het onderwijs dat wij verzorgen. Dit voedt de uitstekende reputatie van het instituut, nationaal en internationaal."

Didier Fouarge, Directeur ROA

 

Ter gelegenheid van het 40‑jarig jubileum van ROA spraken we met collega’s uit het hele instituut. In deze interviews blikken zij terug op de ontwikkeling, impact en toekomst van ROA. Ze delen hun ervaringen, inzichten en herinneringen aan vier decennia onderzoek naar onderwijs en arbeidsmarkt. Samen vormen de gesprekken een persoonlijk en veelzijdig portret van een instituut dat zich al 40 jaar met overtuiging inzet voor kennis, innovatie en maatschappelijke vooruitgang.

Al bijna dertig jaar maakt Timo Huijgen deel uit van ROA. Wat begon als een tijdelijke vervanging groeide uit tot een loopbaan waarin hij het instituut van dichtbij zag veranderen en er zelf in mee evolueerde. Hij kwam binnen als vervanger tijdens een werkstage, “eigenlijk een beetje ingerold”, zoals hij het zelf zegt. Maar het tijdelijke werd blijvend: inmiddels werkt hij bijna dertig jaar bij ROA en al 32 jaar binnen SBE. “Het is lang, maar zo voelt het niet,” vertelt hij. “De collega’s zijn leuk en het werk ook. Daarom ben ik denk ik nooit weggegaan.”

Timo’s loopbaan laat zien hoe ROA meebeweegt met zijn mensen. Hij begon als managementassistent, werd statistisch medewerker, data‑analist en ontwikkelde uiteindelijk een rol binnen research data management, nog voordat dat een formeel domein werd. “Onze functies waren altijd een beetje raar binnen de universiteit,” zegt hij lachend. “We vielen tussen wal en schip, maar daardoor konden we onze eigen functie vormgeven.”

Hij zag ROA groeien van zo’n 25 medewerkers naar ongeveer 80 en van top‑down aangestuurd naar een open organisatie. “Het is allemaal vrijer geworden, en dat is positief. Je doet hier geen dertig jaar hetzelfde werk.”

De grootste verandering? Zonder twijfel de opkomst van AI.
“Wat vroeger dagen duurde, kun je nu in een uur doen. De kern blijft hetzelfde, maar alles gaat sneller en makkelijker.”

Toch ziet hij ook uitdagingen: de bijzondere positie van ROA binnen de universiteit, de afhankelijkheid van externe opdrachten en de noodzaak om soms níet alles aan te pakken wat op het pad komt. “Soms is de uitdaging om dingen niet te doen, hoe leuk ze ook zijn.”

Zijn typering van ROA in één zin:
“Gegrond eigenzinnig, op een manier die ons een sterke reputatie heeft gegeven, nationaal én internationaal.”

Foto's Timo Huijgen ROA.png

Onderzoek, onderwijs en impact: Annemarie over een instituut dat betekenisvol blijft

Annemarie Künn, sinds 2013 werkzaam als projectleider en universitair hoofddocent, kent ROA vanuit twee perspectieven: als PhD‑student in een kleine onderzoeksgroep en later als senior onderzoeker in een veel groter, internationaler instituut.

Na haar promotie vertrok ze naar Duitsland, maar miste al snel de maatschappelijke relevantie die ze bij ROA had ervaren. “In mijn postdoc voelde het werk eenzamer en hiërarchischer. Bij ROA draag je bij aan iets dat direct raakt aan de maatschappij. Dat miste ik enorm.”

Toen Andries haar belde over een vacature, hoefde ze niet lang na te denken. Ze zag ROA in de jaren daarna veranderen: meer PhD’ers, meer wetenschappelijke slagkracht, meer samenwerking met andere faculteiten en universiteiten. Maar één ding bleef hetzelfde: de cultuur. “De sfeer is altijd heel goed geweest: open, los, met veel ruimte voor gezelligheid. De ROA‑quiz, borrels, fietstochten, Tour de France‑pools, dat soort dingen draagt bij aan verbondenheid.”

Ook lastige onderwerpen worden niet geschuwd. “We hebben sessies over sociale veiligheid georganiseerd. Dat past bij ROA: openheid betekent ook dat moeilijke dingen bespreekbaar zijn.” Ze ziet ROA als een instituut dat niet per se groter hoeft te worden, maar wel relevant wil blijven. “Afgelopen jaar werden we 51 keer genoemd in Kamerbrieven. Dat zegt iets over onze impact. De uitdaging is om die impact nog zichtbaarder te maken.”

Daarnaast benadrukt ze de rol van ROA als opleidingsinstituut, niet alleen voor studenten, maar ook voor onderzoekers. “We leiden niet alleen studenten op, maar ook onderzoekers. Dat is een enorme kracht.”

ROA in een zin:
“Een impactvol onderzoeksinstituut waar het heel fijn werken en ontwikkelen is.”

Foto's Annemarie ROA .png

Van onderzoeker tot directeur: Didier over koers, cultuur en de kracht van verbinding

Didier Fouarge begon in 2007 bij ROA, aangetrokken door iets wat volgens hem zeldzaam is: het bijdragen aan wetenschappelijke inzichten op hoog niveau én het gebruiken daarvan om beleid en praktijk van dienst te zijn. Hij kende ROA al van rapporten en artikelen en nam zelf contact op met Andries om kennis te maken. Er was geen vacature, maar hij mocht een seminar geven. Kort daarna ontstond er ruimte en begon hij als projectleider.

Opvallend genoeg gaf hij zijn vaste aanstelling op voor een tijdelijk contract van twee jaar. “Een beetje Pippi Langkous: ik denk dat ik het kan.” Het bleek terecht: hij groeide door tot hoogleraar en werd in 2021 directeur.

Didier zag ROA veranderen van een instituut met een duidelijke tweedeling: wetenschappelijk versus beleidsonderzoek, naar een organisatie waarin die werelden steeds meer samenkomen. “Die scheiding is verdwenen. Er is veel meer gelijkwaardigheid en samenwerking.”

Onder zijn directeurschap ligt de nadruk op verbinding: binnen teams, tussen onderzoekslijnen en met de buitenwereld. De COVID‑periode maakte dat extra belangrijk. “We moesten mensen weer samenbrengen en het gezamenlijke doel benadrukken.”

Hij ziet kansen in de verbreding van het onderzoeksveld, de groei van het aantal PhD’ers en de samenwerking met onderwijsinstellingen via het Education Lab. Tegelijkertijd zijn er uitdagingen: werkdruk, afhankelijkheid van acquisitie en het spanningsveld tussen beleid en wetenschap. “Afwijzingen horen erbij, zowel bij projectvoorstellen als bij wetenschappelijke publicaties. Het is belangrijk dat onze teams daarmee leren omgaan.”

Foto's Didier Fouarge ROA.png

Wat ROA volgens hem uniek maakt, is de combinatie van inhoudelijke focus, organisatorische flexibiliteit en een sterke, collegiale gemeenschap. “Bezoekers van andere universiteiten zeggen vaak dat de manier waarop mensen hier met elkaar omgaan bijzonder is. Die menselijke kant is minstens zo belangrijk als de inhoudelijke impact.”

Zijn typering van ROA:
“Een inspirerend en uitdagend onderzoeksinstituut, waar medewerkers met passie werken aan onderzoek met maatschappelijke en wetenschappelijke impact, en waar een sterke, collegiale cultuur centraal staat.”

Collage 40 jaar ROA.png
Auteur:
Barbara Timmermans & Anna Verstappen

Lees ook