Airco is niet dé oplossing tijdens hittegolven, maar wat dan wel?
Na de hittegolven haalden veel mensen opgelucht adem toen de afkoeling en regenbuien zich weer eindelijk aandienden. Ook waren er opeens jaloerse blikken naar mensen die wél een airco in huis of op kantoor hebben. Zij hadden het tenminste niet de hele dag zo warm. Maar, zo blijkt, eigenlijk zijn airco’s helemaal niet altijd de beste oplossing tegen hitte. Dat benadrukt Hannah Pallubinsky, universitair docent Voeding en Bewegingswetenschappen aan de Faculty of Health, Medicine and Life Sciences. Veel beter kun je jezelf langzaamaan laten wennen aan de hitte of een siësta doen. Hoe zit dat precies?
Geleidelijke hitteblootstelling
Als ik Hannah Pallubinsky spreek, is het 29 °C in haar werkkamer. Een airco heeft ze niet. Ze lacht: “Maar ik heb nergens last van, hoor. Al ben ik vast bevooroordeeld als iemand die dagelijks onderzoek doet naar omgaan met hitte.” Aan mensen die last hebben van de hitte, raadt Pallubinsky vooral aan om – net als zij – zonder airco langzaamaan te wennen aan de warme temperaturen. “Dat doe je met regelmatige, gecontroleerde en geleidelijke blootstelling aan de temperatuur. Ga bijvoorbeeld wel kort naar buiten in de warmte of zorg dat de binnentemperatuur niet te veel afwijkt van de buitentemperatuur.” Af en toe de ventilator aanzetten, is daarbij volgens Pallubinsky geen probleem. “Dat is al beter dan standaard de airco laten draaien.”
Wat Pallubinsky betreft moeten we de airco gaan zien als een noodoplossing om af en toe de scherpe randen van de hitte af te halen. “Als je de airco standaard op 21 °C zet, wen je niet aan het warme weer. Bovendien maken airco’s de hogere temperaturen alleen maar erger, omdat ze ook weer hitte afgeven en CO2 uitstoten. Hoe meer mensen een airco hebben, hoe heter de buitenlucht wordt.”
Siësta als oplossing
En dan is er volgens Pallubinsky nog een mogelijke oplossing: een middagdutje. Wat dat betreft zijn Zuid-Europese landen, die hete temperaturen meer gewend zijn, wellicht beter ingespeeld op de hitte dan de doorsnee Nederlandse werkvloer. Pallubinsky: “In Spanje beginnen mensen al vroeg met werken, hebben ze ’s middags een lange siëstapauze en werken ze dan tot iets later door. Zo passen Spanjaarden de werkdag aan op de hitte. In Nederland is dat lastiger voor elkaar te krijgen. Een middagdutje zit niet in onze cultuur en er staan op de meeste kantoren geen bedden.”
Dr. Hannah Pallubinsky werkt als universitair docent en leidt de Thermoregulatie en Metabolism Research Group (TherMU) bij de afdeling Voeding en Bewegingswetenschappen van de Faculty of Health, Medicine and Life Sciences. Ze doet hier onderzoek vanuit het Institute of Nutrition and Translational Research in Metabolism (NUTRIM). Daarbij kijkt ze vooral naar de impact die temperatuur heeft op onze gezondheid en ons energiemetabolisme. Ook onderzoekt ze hoe we ons het beste kunnen voorbereiden op een leven met hitte.
Toch zou een siësta volgens Pallubinsky wel een oplossing kunnen zijn tijdens hittegolven. “Tijdens je slaap gaat je energieverbruik omlaag. Energie verbruiken creëert warmte, dus een dutje doen helpt juist om minder warmte te produceren”, verklaart Pallubinsky. En er is nog een voordeel: een middagdutje leidt vaak tot betere prestaties. In veel andere landen zijn mensen na zo’n powernap productiever, zeker op heel warme dagen.
Sporten in de warmte
En sporten, moet je daar dan opeens mee stoppen tijdens een hittegolf? Gelukkig zijn hitteberoertes volgens Pallubinsky zeldzaam, al benadrukt ze wel dat het heel belangrijk is om bij het sporten naar je lichaam te luisteren. “Het lichaam is in principe goed in staat om met hitte om te gaan. Mensen zijn een van de weinige organismen met zweetklieren over het hele lichaam. Daardoor kunnen we veel beter afkoelen dan bijvoorbeeld een kat of hond. Toch onderschatten we soms hoe gevaarlijk blootstelling aan extreme hitte is. Als het wél misgaat – vooral wanneer iemand fanatiek sport in de hitte en daarbij slecht drinkt en veel zweet – kan dat grote gevolgen hebben, zoals een hitteberoerte.”
Wie gewend is in warm weer te sporten, hoeft volgens Pallubinsky niet te vrezen. “Maar ik zou niemand aanraden om zonder ervaring te starten met hardlopen als het buiten 30 °C is. Als je goed getraind bent, ken je je lichaam meestal beter. Zolang je hartslag in de veilige range zit en je je goed voelt, is buiten sporten prima. Maar stop wel meteen zodra het niet meer gaat en zoek dan direct de verkoeling op.”
“Ik zou niemand aanraden om zonder ervaring te starten met hardlopen als het buiten 30 °C is.”
Hannah Pallubinsky
Do’s en don’ts bij hitte
Dit zijn Pallubinsky’s belangrijkste tips om op een gezonde manier met de hitte om te gaan:
Stel jezelf geleidelijk bloot aan de hitte, zodat je eraan kunt wennen. Doe dit bijvoorbeeld door de ventilator of airco niet de hele tijd te laten draaien.
- Bescherm altijd je huid tegen de zon. Dat is niet alleen belangrijk vanwege de uv-straling, maar ook omdat straling van de zon je huid warmer maakt.
- Gebruik tijdens het sporten isotone drankjes, dus drankjes met elektrolyten. Dat zijn mineralen zoals natrium, calcium, magnesium en kalium. Daarmee vul je niet alleen het vocht aan maar ook de zouten die je verliest door te zweten.
- Gebruik liever een ventilator dan een airco. Ventilatoren warmen de buitenlucht niet op en verbruiken minder energie. Bovendien kun je met een ventilator alsnog gewend raken aan de hitte, omdat een ventilator de warmte niet op kunstmatige wijze wegneemt.
- Houd de warmte zoveel mogelijk buiten. Daarbij helpt het om overdag de ramen te sluiten, de zonwering naar beneden te doen of de gordijnen te sluiten.
- Laat ’s nachts de ramen tegen elkaar openstaan (als dat veilig kan), zodat er frisse lucht naar binnen kan komen.
- Blijf naar je lichaam luisteren. Zoek direct de koelte op zodra je je niet lekker voelt.
Tekst: Romy Veul