19 maart 2019
De Maastricht Young Academy presenteert: Ionica Smeets

Ionica koos een getal (en wij maakten dat moeilijk)

Wat heb je aan getallen zonder context? Niet veel, blijkt uit een telefoongesprek dat we met Ionica Smeets voerden. We spraken haar naar aanleiding van het theatercollege Numbers don’t lie, dat ze 25 maart aanstaande in Maastricht geeft.

Uitdaging 1: Ionica’s getallen

13          42          1729
 

De eerste serie getallen die we voorleggen bestaat uit 13, 42 en 1729. Aan de andere kant van de lijn horen we Ionica driftig meeschrijven. “Ik ben niet zo auditief ingesteld”, verontschuldigt ze zich. Desalniettemin is de keuze snel gemaakt. “O ja! Dan kies ik natuurlijk voor 1729, mijn lievelingsgetal.”

Waar komt jouw passie voor getallen vandaan?
Ionica: “Het gaat me eigenlijk niet zozeer om de getallen zelf. 1729 is mijn lievelingsgetal, omdat er een verhaal aan vastzit. Het cijfer staat voor iemand die óók de verhalen bij getallen zag. Voor mij geldt: als ik me ergens in verdiep, ga ik er meer van houden en andersom. Dat proces vind ik trouwens heel fascinerend.”

Is dat ook hoe je gaandeweg van wetenschapscommunicatie bent gaan houden?
“Ik denk dat dat een rol speelde, maar een deel kwam ook vanuit negatievere emoties. Ik ben een paar jaar wetenschapsjournalist geweest en zag dat er dingen niet goed gingen. Toen dacht ik: als je vindt dat het anders moet, moet je het maar gewoon gaan doen.”

Wat ging er dan zoal niet goed?
“De overdrijving van verbanden, bijvoorbeeld. Daar hebben we ook onderzoek naar gedaan. Stel, je hebt een studie die zegt dat er een verband is tussen nootjes eten en minder vaak kanker krijgen. Nootjes beschermen tegen kanker, lees je dan soms in de krant. Dat hoeft niet zo te zijn: misschien eten mensen die gezond leven gewoon meer nootjes. Wij hebben gekeken naar hoe een wetenschappelijk artikel, via een persbericht van de universiteit, uiteindelijk als krantenartikel eindigt. Vaak zagen we dat er in het persbericht al veel misging. Dat vind ik vooral interessant: kijken naar wat je binnen je eigen groep kan verbeteren.”

Maar, zo waarschuwt Ionica, haar lezing is zélf wetenschapscommunicatie. Het gaat wel over dat soort kromgetrokken verbanden, maar niet over de theorie erachter. Geen nood, want ook bij haar theatercollege hebben we een aantal cijfers gezocht.  

1729

In een column legt Ionica uit wat 1729 haar lievelingsgetal maakt. Er horen twee verhalen bij het cijfer. Een daarvan gaat over een zieke wiskundige, die bezoek krijgt van een collega. Zijn collega had gehoopt op een spannend taxinummer voor de rit naar het ziekenhuis, maar helaas: het werd 1729. De zieke wiskundige in kwestie – Indiaas getallenwonder Srinivasa Ramanujan – vond 1729 echter helemaal geen saai getal. Uit zijn hoofd wist hij te vertellen dat 1729 het kleinste getal is dat je op twee manieren kan schrijven als de som van twee derde machten. 

 

Uitdaging 2: de getallen van het theatercollege

325          1597          6211
 

De tweede serie getallen roept aanzienlijk minder herkenning op dan de eerste. Heeft ze een voorkeur voor 325, 1597 of 6211? “Oh man, even denken. Volgens mij heb ik ooit geschreven over 1597.” Er klinkt geroffel op het toetsenbord. “Ik zit op m’n computer te zoeken. Bij 6211 kom ik alleen een gave Lego-set tegen. Als het met mijn lezing te maken heeft, zijn het vast voorbeelden van getallen die liegen. Niet?”

Helaas: het zijn het aantal plekken in de zaal, het aantal minuten dat de aankondiging al is bekeken (een priem- én fibonaccigetal, tot grote vreugde van Ionica) en de postcode van de Bonbonnière, waar de lezing plaatsvindt. “Shit! Ik dacht nog, dat is vast een postcode!”

Goed, mensen kunnen zich dus nog inschrijven voor je theatercollege. Wat is dat eigenlijk, een ‘theatercollege’?
“Het grootste verschil met een echt college is dat er geen examen op het eind is.” Ze lacht. “Dat maakt het makkelijker om het leuk te maken, je kan precies de dingen kiezen die mensen interessant vinden. Ik hou er ook van als het interactief is en mensen iets terug kunnen roepen. Ik hoop dat mijn publiek na afloop dingen herkent. Zo geef ik een aantal voorbeelden van foute grafieken, en ik denk dat iedereen in de weken erna wel toepasselijke voorbeelden tegenkomt.”

Worden mensen niet nog kritischer op alles – waaronder wetenschap – als je ze leert dat getallen vaak onbetrouwbaar worden weergegeven?
“Ik vind dat heel ingewikkelde materie. Waar komt wantrouwen in de wetenschap vandaan? Dat is trouwens niet zo groot als vaak geroepen wordt, je hoort er nu alleen meer over. Wat ik veel erger vind: een tijdje terug sprak ik een advocaat, die dankzij mijn lezing een rechtszaak had gewonnen. ‘Wat interessant’, zei ik, ‘heb je iemand betrapt die cijfers verdraaide?’ Waarop hij antwoordde: ‘Nee, ik heb een grafiek gemaakt zoals jij zei dat het niet moest. De ander had dat niet door.’ Daar moest ik even over nadenken. Maar volgens mij is dat geen reden om het dan maar niet uit te leggen. Zijn tegenstanders moeten juist óók snappen hoe het werkt, zodat ze er straks genadeloos doorheen prikken.”

Numbers don't lie...

... is de titel van het Engelstalige theatercollege dat Ionica Smeets op 25 maart in Maastricht geeft. Zij laat op spannende wijze zien dat getallen en grafieken de waarheid wel degelijk kunnen verhullen. Tijdens haar theatercollege volgen voorbeelden uit het echte leven en wiskundige paradoxen elkaar in rap tempo op.

 

Uitdaging 3: de getallen van (jonge) wetenschapscommunicatie 

12          1991          1441437
 

Toch even terug naar de wetenschapscommunicatie, want die is dus van essentieel belang. “Dat gaat niet alleen over informeren”, zegt Ionica, “al dacht ik dat zelf eerder ook. Het gaat ook over overtuigen. Uit studies blijkt dat mensen heel selectief lezen. Dat maakt wetenschapscommunicatie ook zo ingewikkeld.”

Ionica komt naar Maastricht op uitnodiging van de Maastricht Young Academy (MYA). Die groep onderzoekers behartigt de belangen van andere jonge wetenschappers en adviseert over een aantal thema’s, waaronder wetenschapscommunicatie.

Tijd, dus, voor het laatste rijtje getallen. We verklappen alvast dat die allemaal een link hebben met jonge onderzoekers en wetenschapscommunicatie. Wordt het 12, 1991 of toch 1.441.437? Ionica: “Dat laatste getal is vast een geldbedrag. Maar een logisch bedrag zou 4 miljoen zijn, en niet die 1-miljoen-400-nog-wat. Mag ik een hint?”

1.441.437 is het referentienummer van de Wetenschapsbrief. Daarin zet het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap hun visie voor de komende vier jaar uiteen.
Lachend: “Ja, en jij verwacht dat ik dat referentienummer herken!”

Nee, totaal niet. Maar je deed het toch: die 4 miljoen heeft daar wel mee te maken. Biedt het nieuwe beleid kansen aan jonge onderzoekers?
“In de Wetenschapsbrief worden twee dingen gedaan die ik heel hoopvol vind. Ten eerste gaat er voor het eerst in lange tijd geld naar wetenschapscommunicatie, 4 miljoen euro dus. Wat misschien zelfs belangrijker is dan het budget, is dat expliciet wordt gezegd dat we moeten kijken naar diversiteit binnen het academische takenpakket. Nu zijn bijna alle beloningsstructuren binnen de universiteit gericht op onderzoek, terwijl je ook toponderwijzers wil hebben, én mensen die naar buiten treden. Er wordt nu naar manieren gezocht om die mensen te waarderen.”

Wat zou je een jonge wetenschapper aanraden, die wil beginnen met wetenschapscommunicatie?
“Klein beginnen! Vanaf mijn twaalfde heb ik non-stop bij schoolkranten en faculteitsblaadjes gezeten. Ik was dus al heel lang bezig voor ik eindelijk in de Volkskrant stond en een boek schreef. Bedenk wat je het leukst lijkt en waar je talenten liggen. Begin daarmee, en oefen veel. Misschien wel het belangrijkste: vraag feedback. Ik ken een natuurkundige, die na afloop van zijn populair-wetenschappelijke lezingen altijd iemand uit het publiek trakteert op een biertje. ‘Wat heb je nou eigenlijk van mijn verhaal onthouden?’, vraagt hij dan.”

Kunnen we dat ook van jou verwachten, een biertje na afloop van je lezing op 25 maart?
“Ik vraag mensen inderdaad vaak wat ze er van begrepen. Het kan trouwens een bewuste keuze zijn, om het soms iets moeilijker te maken. Ik stop altijd iets lastigers in mijn verhaal. Freek Vonk doet dat ook. Voor de twee kinderen in het publiek die daar wel mee verder kunnen, zegt hij. Daar moet je ook niet bang voor zijn. Als de rest leuk genoeg is, trekken mensen het heus wel als het twee minuten boven hun pet gaat.”

Tekst: Dieudonnée van de Willige

Benieuwd hoe ontzettend leuk die rest dan is?

Je kan je nog aanmelden voor de interactieve lezing Ionica Smeets, Numbers don’t lie, waarin Ionica haar publiek meeneemt op ontdekkingstocht door de wereld van misleidende cijfers en grafieken. Ook vol getallen, maar dan getallen waar je de context plots wél van snapt.

Maandag 25 maart 2019 om 16.00 uur.
Locatie: La Bonbonnière in Maastricht.

Kost niks, behalve een paar seconden om je aanwezigheid te bevestigen

 

 

Ionica Smeets - photo: Walter Kallenbach
Foto: Walter Kallenbach