11 september 2017

Bijna één miljoen euro voor onderzoek hartritmestoornis

Dankzij een subsidie van bijna één miljoen euro van de Nederlandse Hartstichting kunnen prof. dr. Paul Volders en zijn collega-onderzoeker dr. Matthijs Cluitmans hun onderzoek naar een specifieke hartritmestoornis (kamerfibrilleren) uitbreiden. Met behulp van een nieuwe techniek electrocardiographic imaging (ECGI) en honderden patiënten, hopen ze de oorzaken van kamerfibrilleren beter in kaart te brengen.

Cardioloog Paul Volders is de kartrekker van het project, dat in samenwerking met de Universitair Medische Centra van Maastricht, Utrecht en Amsterdam wordt uitgevoerd. Zij zullen gebruikmaken van een nieuw opgezette databank van patiënten met onbegrepen kamerfibrilleren, en hun familieleden. Deze databank zal gedurende het project uitgebreid worden met patiënten en families uit heel Nederland. Door daarnaast de nieuwe beeldvormende techniek ECGI te gebruiken kunnen de afwijkingen nog beter in kaart gebracht worden.

Cluijtmans over ECGI
Matthijs Cluitmans promoveerde vorig jaar bij zowel prof. Volders als prof. Peeters van het Department of Knowledge Engineering op ECGI. In de dagelijkse praktijk zal hij veel werk verrichten met deze beurs. “We hebben in Maastricht tot nu toe enkele tientallen patiënten in kaart gebracht met ECGI, wat eigenlijk een uitgebreid hartfilmpje is. We gebruiken veel meer elektroden op het lichaam en om exact te kunnen bepalen waar de elektrische hartactiviteit vandaan komt, maken we ook een CT-scan van de patiënt. Dat duurt dus al snel een paar uur per patiënt, en de analyse daarna is ook tijdrovend.”

ECGI stelt onderzoekers in staat om op een meer gedetailleerd niveau naar hartritmestoornissen te kijken, zonder inwendige metingen. “Door nu honderden mensen te onderzoeken, samen met de twee andere centra, kun je beter bepalen of de uitkomst duidt op een afwijking of niet.” Daarnaast is het een mooie manier om de ECGI-techniek ook buiten Maastricht te introduceren.

Volders over kamerfibrilleren
Kamerfibrilleren is een vorm van hartritmestoornis die vaak nog weinig begrepen wordt. Het is ook de hartkwaal die jonge mensen soms vloert op bijvoorbeeld een voetbalveld. "Niet zelden moeten we nu tegen familieleden zeggen dat we de oorzaak van het kamerfibrilleren gewoonweg niet weten", zegt prof. Volders. "Er zijn wel aanwijzingen dat genetische factoren een rol kunnen spelen. Ook verworven factoren, zoals een ontsteking van de hartspier, lijken kamerfibrilleren te kunnen triggeren. Door het kloppende hart met ECGI driedimensionaal in kaart te brengen hopen we patiënten eerder te kunnen opsporen, zodat zij een preventieve behandeling kunnen krijgen."