De hybride onderzoeker

Onderzoek dat de disciplines overstijgt staat hoog aangeschreven in de wetenschap en tegelijkertijd weet iedereen hoe moeilijk dat kan zijn. Matthijs Cluitmans illustreert dat het mogelijk is én van meerwaarde. Hij promoveerde in 2016 bij zowel het Department of Data Science and Knowledge Engineering (DKE) als de cardiovasculaire onderzoekschool CARIM. Daarvoor studeerde hij al af binnen beide disciplines in Maastricht en momenteel werkt hij voor beiden, én bij Philips Research. “Ik mag het als wiskundige eigenlijk niet zeggen, maar één plus één is in dit geval echt drie.”

Toen Matthijs Cluitmans begon aan de studie geneeskunde in Maastricht dacht hij later arts en onderzoeker te worden. Om zijn technische aanleg ook te voeden, deed hij tegelijkertijd een bachelor en master bij DKE. Vervolgens combineerde hij zijn coschappen voor geneeskunde vanaf 2010 met een promotietraject. “Vóór mij was Jordi Heijman al aangenomen op een halve plek bij DKE en een halve bij CARIM. Ze hadden dus nog twee halve promotieplekken over. Ik was inmiddels gegrepen door onderzoek dat dicht bij patiënten staat en heel blij met deze aanstelling.”

Hartfilmpje

Toen hij zijn coschappen afrondde in 2014 wist hij zeker: zijn hart lag bij meer bij onderzoek dan bij patiëntenzorg; maar dan wel technisch uitdagend onderzoek dat relevant is voor de patiënt. In 2016 verdedigde hij zijn proefschrift, dat draait om ‘electrocardiographic imaging’ (ECGI). Het meer bekende hartfilmpje (ECG) visualiseert hoe elektrische impulsen in het hart op het huidoppervlak tot uiting komen. ECGI is feitelijk een veel gedetailleerder hartfilmpje, met veel meer elektrodes op het lichaam. Deze techniek kan, in combinatie met een CT-scan, kleine afwijkingen in de elektrische impulsen van het hart lokaliseren.
 

Cluitmans2
Cluitmans bij CARIM
Femke Kools (tekst), Philip Driessen (fotografie)

De hypothese is dat deze afwijkingen een rol spelen bij de plotse hartdood waaraan soms voetballers en andere ogenschijnlijk gezonde mensen compleet onverwacht overlijden. Om die theorie verder te onderzoeken startte recent de Vigilance-studie met steun van de Hartstichting, in Maastricht, Amsterdam en Utrecht. En Cluitmans, na zijn promotietraject nog meer gegrepen door dit type discipline overstijgend onderzoek dat in de toekomst patiëntenzorg hoopt te verbeteren, mocht blijven. Tegenwoordig werkt hij drie dagen voor CARIM en twee dagen voor Philips Research in Eindhoven. Daarnaast heeft hij een nulaanstelling bij DKE, waar hij iedere twee weken een dag fysiek aanwezig probeert te zijn. Want mensen persoonlijk ontmoeten, weet hij inmiddels uit ervaring, is één van de sleutels tot een succesvolle interdisciplinaire samenwerking.

Wiskundige twist

Het bijzondere aan zijn promotietraject is dat DKE en CARIM de handen ineen sloegen om zelf een ECGI-systeem te bouwen. Het grote voordeel: je kunt voor het onderzoek zelf alle instellingen veranderen. “Niets ten nadele van mijn medische collega’s, maar zonder mijn wiskunde-achtergrond had ik dit proefschrift niet kunnen schrijven. Als wiskundige kun je soms net een andere twist aan data-analyse geven, waardoor de resultaten klinisch veel relevanter worden.”
Een van de grootste uitdagingen van zo’n gedeeld promotietraject is volgens Cluitmans de communicatieslag tussen de disciplines. “Mijn begeleiders van beide kanten, Paul Volders van CARIM en Ralf Peeters en Ronald Westra van DKE, weten elkaar zeer op waarde te schatten. Dankzij hun persoonlijke klik kunnen projecten als deze slagen, daar ben ik ook van overtuigd. Maar ze spreken natuurlijk hun eigen taal en dan is het aan jou als beginnend promovendus om het project op één lijn te houden. We hebben veel goede discussies gehad, met interessante ideeën als resultaat. En ik heb geleerd zelfstandig te werken en mijn eigen ideeën na te streven. Voor een onderzoeker een cruciale eigenschap.”

 

“De synergie tussen klinische en theoretisch-wetenschappelijke onderzoekers van de Faculty of Health, Medicine and Life Sciences en de Faculty of Humanities and Sciences in Maastricht lag aan de basis van deze promotie. Een interfacultaire verbinding voor dit soort werk is essentieel, maar zeker niet vanzelfsprekend. De perfecte inbedding van het project van Matthijs was daarmee z’n tijd vooruit. "
Paul Volders, cardioloog en hoogleraar Genetische Cardiologie, CARIM.

Brug slaan

Dankzij zijn achtergrond in beide werelden kon hij de brug slaan en die meerwaarde zag Philips Research ook in hem. “Blijkbaar moet ik altijd een paar dingen tegelijk doen”, zegt hij met een glimlach. Daar werkt hij onder andere aan een computermodel, dat ook gebruikt kan worden voor de simulatie van de kleine hartafwijkingen die hij met ECGI zichtbaar wil maken. “Ik probeer werk voor Philips en de UM naar elkaar toe te brengen, omdat ik denk dat daar de meerwaarde van mijn persoon én van onze samenwerking in zit. En bij Philips kan ik ook veel leren over hoe we dit soort technieken op termijn betaalbaar bij de patiënten krijgen.”
Het is duidelijk dat hij zich als een vis in het water voelt met zijn hybride rol. “Ik ben een beetje de lijm tussen arts-onderzoekers, wiskundigen en nu ook bedrijfsleven. Die interactie brengt je echt verder. Voor je cv is het als onderzoeker beter om na je promotie ervaring in een ander, liefst buitenlands lab op te doen. Maar Maastricht is, althans voor mijn type onderzoek, de enige plek waar deze samenwerking tussen engineers, basale wetenschappers en clinici floreert.”

“Met zijn veelzijdigheid, persoonlijke gedrevenheid en sociale vaardigheden heeft Matthijs ervoor gezorgd dat we in de afgelopen tien jaar vanuit het niets een centrale en leidende plaats hebben veroverd op dit specifiek medisch-technische gebied. Het toont aan over welk potentiaal de UM beschikt voor toonaangevend multidisciplinair onderzoek. En het toont het belang voor de UM van een sterke bèta-component.”
Ronald Westra, professor in Physics and Mathematics, Department of Data Science and Knowledge Engineering.

Lees ook

  • David Baião Barata is geboren en getogen in Castelo Branco, in het oosten van Portugal. Zijn moeder kookte de reguliere Portugese keuken: goed gevulde soepen, veel vlees en dat alles overgoten met olijfolie. Pas tijdens zijn studie cel en moleculaire biologie in Lissabon ontdekt hij zelf het koken...

  • Toen ze vijf jaar geleden bij bezichtiging van het huis een AGA-cooker zag staan, was de keuze snel gemaakt. Voor de in Amerika en Engeland opgegroeide Alexx Allen-de Rijk is dit specifieke fornuis het summum van huiselijkheid. De ouders van haar beste vriendinnetje Pip hadden er een. “Wanneer we...

  • Karlien Strijbosch deed promotieonderzoek naar Senegalese migranten die onvrijwillig terugkeerden na een verblijf in Europa. Ze liep aan tegen muren van zwijgzaamheid, wantrouwen en schaamte. Een gesprek met Karlien Strijbosch en haar promotor Valentina Mazzucato over een onderzoek dat noodzakelijke...

Meer nieuws