31 mei 2018

Vijftig jaar tabaksbeleid in Nederland: een moeizaam proces

Op Wereld Niet Roken Dag presenteert professor Marc Willemsen, bijzonder hoogleraar Tabaksontmoediging aan de Universiteit Maastricht, vandaag zijn boek ‘Tobacco Control Policy in the Netherlands. Between Economy, Public Health, and Ideology’. Het is de eerste keer dat de ontwikkeling van het tabaksontmoedigingsbeleid in Nederland zo uitgebreid wetenschappelijk is geanalyseerd. Marc Willemsen bestudeerde daarvoor álle Kamerverslagen rond tabaksbeleid van de afgelopen 50 jaar, interviewde ambtenaren, vertegenwoordigers van gezondheidsorganisaties én mensen uit de tabaksindustrie. Daarnaast bekeek hij talloze, deels geheime, documenten uit het lobbycircuit. Centrale vraag in zijn meer dan 300 pagina’s tellende boek is eigenlijk: ‘Waarom verliep het maken van tabaksontmoedigingsbeleid in Nederland zo moeizaam?’

Hoe de overheid laveerde tussen industrie en gezondheidsorganisaties

In zijn boek schildert hoogleraar Willemsen het bijzondere krachtenveld van tabaksindustrie en gezondheidsorganisaties en hoe de Nederlandse overheid hiertussen heeft gelaveerd. “Het perspectief van die overheid is nogal veranderlijk in dit dossier en zeer afhankelijk van ideologie, partijpolitiek of zelfs de persoonlijkheid van de verantwoordelijke minister”, aldus Willemsen. “Minister Els Borst tekende midden jaren negentig voor een keerpunt in de relatie tussen de overheid, de tabaksindustrie en gezondheidsorganisaties. Zij had met haar achtergrond als huisarts een persoonlijk belang om het tabaksbeleid weg te halen bij het Ministerie van Economische Zaken en onder te brengen bij het Ministerie van Volksgezondheid.” Tot dan toe had de industrie een dikke vinger in de pap, maar vanaf de jaren negentig begon het tij te keren. Voortaan werd de tabaksindustrie meer op afstand gehouden, hoewel zij onder de ministers Klink en Schippers weer voet aan de grond kreeg. Onder de staatssecretarissen Van Rijn en Blokhuis is de industrie weer op afstand geplaatst, zoals overigens ook werd geëist door nieuwe regelgeving vanuit de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO).

Waarom tabaksontmoediging in Nederland zo moeizaam tot stand kwam

Tabaksontmoediging kwam in Nederland maar moeizaam tot stand, zeker in vergelijking met het buitenland. In het Verenigd Koninkrijk bijvoorbeeld is men vanaf de jaren tachtig al veel daadkrachtiger, mede doordat de nationale artsenorganisaties zich sterk maakten voor een beleidswijziging. In Nederland hebben de artsenverenigingen nooit zo’n stevig geluid laten horen. Willemsen verklaart dat niet alleen vanuit het feit dat Nederlandse huisartsen zelf meer dan gemiddeld rookten, maar ook wijst hij op het blad Rookspectrum dat tussen 1979 en 1984 door het Bureau Voorlichting Tabak, een initiatief van de tabaksindustrie, onder alle huisartsen werd verspreid en een eenzijdige selectie van wetenschappelijke artikelen over de gevolgen van roken bood. Hierdoor bleef de controverse rondom roken en gezondheid lang in stand. Ruim de helft van de huisartsen gaf in die tijd aan het blad zeer waardevol te vinden voor de eigen oordeelsvorming.

Hoe de tabaksindustrie het ministerie verleidde tot “staatssteun”

Ook op accijnzen gaat Willemsen uitgebreid in. Niet alleen op het eeuwige getouwtrek tussen de ministeries van Financiën en Volksgezondheid, maar ook laat hij zien dat de tabaksindustrie regelmatig adviesrapporten richting het Ministerie van Financiën stuurde om alternatieven voor accijnsverhogingen aan te dragen. “Zo verlaagde het ministerie zelfs een keer de accijns op sigaretten op verzoek van de industrie”, vertelt Willemsen. “De tabaksindustrie had het ministerie gewezen op eventuele nadelige werkgelegenheidseffecten en mocht zo de prijs van een pakje sigaretten verhogen zonder dat de consument dat merkte. Eigenlijk was dat een verkapte vorm van staatssteun.”

Door: Mark van der Linde