17 oktober 2019

Van Viking tot decaan

Zijn meest levensvormende ervaring? Op zijn 13e lid worden van scoutingclub De Vikingen. “Al snel gaf ik leiding aan een clubje van zeven scouts. Dat ontstond heel natuurlijk, ik was de grootste en de oudste.” Gekoppeld aan een sterk maatschappelijk engagement lijkt hij een geboren leider. “Ik heb geen moeite met het nemen van beslissingen.”
Een gesprek met de Deense Peter Møllgaard, decaan van de Maastricht School of Business and Economics (SBE) over rolmodellen, sport, familie, duurzame energie en de beste risotto.

Het is pas later dat hij zich realiseert dat zijn moeder eigenlijk zijn belangrijkste rolmodel is. “Vorig jaar werd ze 80 en heb ik daar veel over nagedacht. Zij was de bindende kracht, ook in moeilijke tijden. Nadat mijn vader met pensioen ging, ik was toen een jaar of 16, raakte hij aan de drank en ging het bergafwaarts. Hij werd een heel ander persoon. Het was voor mij heel moeilijk om iemand van wie je houdt zo uit elkaar te zien vallen. Hij werd een negatief voorbeeld en ik ervaarde het als een soort van wake-up call dat ik op mezelf moest vertrouwen, mijn eigen afwegingen moest maken en mijn eigen oordeel moest vormen, want deze man kon ik niet meer vertrouwen. Mijn moeder bleek de stabiele factor te zijn. Ze zorgde voor hem en voor ons maar niet ten koste van haarzelf, want toen ik ging studeren, begon zij ook met een studie psychologie. Dat vond ik bewonderenswaardig.”

Maakbare samenleving

Opgroeien in de jaren 70 ging voor Møllgaard vooral over vrijheid. Hij speelde klassiek gitaar en las wat hem voor handen kwam, waaronder de feministische literatuur die zijn moeder liet rondslingeren. Van Germaine Greer tot Deense grootheden. “Het waren de jaren waarin het geloof in een maakbare samenleving heel sterk was, niet alleen bij feministen maar ook in mijn studie economie ging men ervan uit dat je de samenleving kon sturen.”  Dat is een van de redenen waarom hij voor economie koos en niet voor een opleiding klassiek gitaar aan het conservatorium. “Ik had het gevoel dat ik als muzikant niet die impact op de maatschappij zou kunnen hebben die ik wilde.” Na zijn studie economie kan hij aan het European University Institute in Florence promoveren. Als zijn voorstel binnen de econometrie niet doorgaat omdat er geen promotor is, moet hij een nieuw onderwerp vinden. “Ik kon kiezen tussen de lavendelmarkt in Frankrijk of de oliemarkt in Europa, dat laatste leek me iets relevanter”, zegt hij met enig gevoel voor understatement.

mollgaard

Windmolens

Door zijn kennis van de oliemarkt, raakt hij bij terugkomst in Denemarken geïnteresseerd in duurzame energie en klimaat. Hij werkt een jaar op het dan net opgerichte Ministerie van Industrie en Coördinatie, waar hij zijn vrouw leert kennen, en vertrekt in 1994 naar Aarhus waar hij als universitair docent kan beginnen en zich verdiept in de Deense energiemarkt. “Ik kreeg in die tijd een opdracht van een van de toezichthouders om uit te zoeken hoe de energiemarkt werkte. Ingenieurs dachten toen nog dat maar maximaal 4% van de energie opgewekt zou kunnen worden door windmolens, nu is dat meer dan 50%.” Van het een kwam het ander. Hij werd lid van de Raad van Toezicht van het Deense Energinet, de eigenaar van de infrastructuur voor gas en elektriciteit (Deense equivalent van het Nederlandse Tennet), “daar heb ik in praktische zin kunnen bijdragen aan meer duurzame wind- en zonne-energie”, trad toe tot een Energiecommissie van de overheid en werd vandaaruit in 2018 voorzitter van de Climate Council (Klimaatcommissie). Deze commissie adviseert de regering. “Klimaat is het belangrijkste vraagstuk van deze tijd, en de mogelijkheid te krijgen hier een bijdrage aan te leveren, is voor mij heel belangrijk en sluit aan bij mijn vroegste ambitie: iets kunnen betekenen voor de maatschappij.” Inmiddels is hij een autoriteit op dat gebied en wordt zijn mening regelmatig door Deense tv en kranten gevraagd.

Op afstand en toch dichtbij

De vacature voor het decanaat van SBE kwam voor hem op het juist moment. “Mijn contract als Dean of Research aan de Copenhagen Business School (CBS) liep af en mijn kinderen kunnen inmiddels aardig voor zichzelf zorgen.” Zijn twee oudste zonen wonen op zichzelf, alleen de jongste dochter van 15 woont nog thuis, in dit geval in Kopenhagen bij haar moeder. De planning is dat zij haar Elementary school daar afmaakt en dat ze volgende zomer samen naar Maastricht komen zodat ze hier haar International Baccalaureaat kan halen. “We hebben als regel dat we elkaar iedere week zien, om en om in Kopenhagen en Maastricht. Dat werkt heel goed. En we skypen en facetimen wat af. Zo kan ik mijn dochter toch helpen met haar huiswerk en het voordeel is dat wanneer ze er geen zin meer in heeft, mij gewoon af kan zetten”, zegt hij lachend. Zijn zoons van 24 en 20 wonen in Kopenhagen, de oudste doet dit jaar zijn master Commercial Law and Business administration aan de CBS, “het vak dat ik gaf, dus hij is blij dat ik daar weg ben”, en de middelste doet een opleiding als kok. “Kok worden was zijn kinderdroom. De vader van mijn vrouw was een hele goede kok, eerst in een restaurant en daarna als privékok bij een bekende Deen die rijk geworden is in de reiswereld. Het eten werd van over de hele wereld gehaald. Mijn zoon heeft veel met hem gekookt en veel van hem geleerd. Er loopt nu een wedstrijd tussen ons wie de beste risotto kan maken en ik moet helaas toegeven dat hij inmiddels beter is dan ik, ondanks mijn dertig jaar ervaring.”

Relatietherapie

mollgaard

Møllgaard houdt wel van een beetje competitie en uitdaging. Zo kiezen hij en zijn vrouw ieder jaar een project waarin ze sportief uitgedaagd worden. “Het begon met samen hardlopen, zij had nog nooit hardgelopen en nu rent ze de halve marathon. Toen wisselde ik het hardlopen in voor wielrennen en besloten we een weektrip van Kopenhagen naar Oslo te plannen, 1100 km in zes dagen. Dat was ontzettend leuk. Zij had ook nog nooit op een racefiets gezeten, dus ze heeft hard moeten trainen. En in januari 2018, kort voordat ik hier begon, hebben we de Kilimanjaro beklommen. Daarvoor hebben we veel samen gewandeld, heerlijk. Geen betere relatietherapie dan acht uur samenlopen. Dit jaar is het er helaas bij ingeschoten, al onze tijd is gaan zitten in het reorganiseren van het familieleven over twee steden.”

Tropenjaar

Ook qua werk was het een tropenjaar, want zo’n nieuwe plek vergt extra inspanning. Maar hij heeft het enorm naar zijn zin. “Ik had meteen een klik met deze universiteit. Het PBL-onderwijs, dat ik niet kende, vind ik geweldig. CBS is een van de grootste business schools van de wereld met ruim 21.000 studenten dus ik gaf daar les aan groepen van 700 leerlingen. Maar we moeten het PBL wel updaten, daar werken we aan. Ander belangrijk aspect vond ik de International Classroom, het is hier zelfs internationaler dan CBS. En ik denk dat ik als leider inmiddels vaardigheden heb ontwikkeld waarmee ik hier een aantal dingen kan verbeteren. Meer transparantie bijvoorbeeld: geen functie toegewezen krijgen maar intern solliciteren. Het gaat hier ook om het doorbreken van het old boys netwerk. Het aantal vrouwelijke hoogleraren bij SBE ligt rond de 14%, dat moet omhoog. En we moeten terug naar de core business van een universiteit: onderzoek, onderwijs en kennis verspreiden en dat op een manier waarin eenieders talent kan groeien.”  Nu hij hier wat meer ingeburgerd raakt, zal hij proberen wat meer vrije tijd te nemen. “Ik moet inderdaad wat duurzamer met mezelf omgaan. Ik speel weliswaar gitaar om mijn hoofd leeg te maken, maar ik kom te weinig toe aan sporten.” Hoog tijd dus voor weer een projectje met zijn vrouw.

Door: Annelotte Huiskes (tekst), Hugo Thomassen (fotografie)