29 maart 2018
Grensoverschrijding en taal

"Taaldiversiteit op de werkvloer is de realiteit"

Promovendus Daan Hovens doet onderzoek naar meertaligheid op de werkvloer. 'Het stond algauw vast dat Daan het zou worden,' zegt zijn begeleider Leonie Cornips. 'Ik bewonder zijn talenkennis en leer van hem vooraf mijn vragen duidelijk te stellen.' Daan: 'Ik vind het mooi om me in een onderwerp vast te bijten.' Hoogleraar en promovendus zijn eenstemmig. 'We moeten de creativiteit waarmee mensen met taalbarrières omgaan leren waarderen.'

Daan Hovens and Leonie Cornips

Verwondering

Zijn onderzoek gaat over meertaligheid op de werkvloer in het Nederlands-Duits grensgebied. Het idee is ontstaan vanuit het grensoverschrijdend onderzoekscentrum ITEM, waaraan beide taalwetenschappers verbonden zijn. Taal is immers een belemmerende factor bij grensoverschrijding. Gekozen werd voor zowel een Nederlands als een Duits grensbedrijf met laagopgeleide werknemers. Cornips: 'Daar treden de echte taalbarrières op.'

Cornips, hoogleraar Taalcultuur, is een groot voorstander van etnografisch veldwerk. In de sociolinguïstiek is dit een nieuwe methode waarbij de nadruk ligt op luisteren en observeren. 'Dit soort veldwerk begint met je te verwonderen over wat je allemaal tegenkomt, waarop je dit vervolgens probeert te duiden. Met welke ideologieën lopen mensen hier rond? Wat is de sociale betekenis van taalkeuze? Dat kun je met bijvoorbeeld een enquête nooit begrijpen.' Er wordt volgens haar in veel onderzoek teveel waarde gehecht aan en vertrouwd op cijfers, maar naar wat aan taalkeuze ten grondslag ligt wordt niet gevraagd.

Vernieuwende kijk

Hovens heeft inmiddels de eerste veldwerkronde achter de rug. Hij bestudeerde op welke manieren de werknemers met elkaar communiceerden, nam gesprekken op, filmde non-verbaal gedrag, waarbij hij vooral lette op hoe taalbarrières op de werkvloer ontstaan en hoe zij daar concreet en creatief mee omgaan. Zijn eerste conclusie is dat de talige diversiteit veel groter en complexer is dan werd aangenomen. 'Er werken mensen met een migratieachtergrond, maar bijzonder is vooral dat zij van beide kanten van de grens komen. Een Syrische vluchteling die een paar woorden Nederlands spreekt, staat bijvoorbeeld naast een Turk die Duits praat. Wat mij opviel, was dat zij hun kennis van het Nederlands en Duits vervolgens inzetten om elkaar te begrijpen, omdat die talen toch dichter bij elkaar staan dan Arabisch en Turks. Verder maken zij veel gebruik van non-verbale communicatie.'

Daan Hovens (1988) is sinds januari 2017 promovendus aan de Faculty of Arts and Social Sciences aan Maastricht University. Hij doet onderzoek naar taaldiversiteit en communicatie op meertalige werkvloeren in het Nederlands-Duitse grensgebied. Dit project maakt deel uit van het euregionale onderzoeksinstituut ITEM. Hans Schmeets is Daans tweede promotor en Jan ten Thije van de Universiteit Utrecht is co-promotor.

Cornips: 'Vooraf hebben we ons afgevraagd wat we zouden kunnen tegenkomen. Het kan zijn dat werknemers hun moedertaal eentalig inzetten. Er kan ook een luistertaal ontstaan: ik spreek Nederlands, jij zegt iets in het Duits terug. Of men kiest voor een lingua franca dat taalverschillen overstijgt, zoals het Engels. Ook het ontstaan van een nieuwe mengtaal is een mogelijk scenario.' Maar Hovens verwacht niet dat er op zijn werkvloer een nieuwe taal ontstaat. 'Dat wordt zeer bemoeilijkt door de huidige arbeidsmarkt die zich kenmerkt door flexibilisering. Er is te veel doorstroom.'

Cornips: 'Wat je nu vertelt, is belangrijk voor je onderzoek. Het is een heel vernieuwende kijk op groepsbinding en een doeltaal. Economische omstandigheden gaan dit momenteel tegen. De sociolinguïstiek neemt aan dat er een groepsbinding ontstaat, maar is die er wel als mensen ergens zo kort werken?'

Enthousiasme

Bij wat ze van elkaar leren lijken de rollen van docent en student wel omgekeerd. Cornips: 'Ik ben impulsief en houd van verrassingen in mijn onderzoek. Van Daan leer ik om van te voren duidelijk mijn vragen te stellen en goed voorbereid ergens in te stappen, dat is een mooie eigenschap. Ik bewonder ook zijn meertaligheid. De talen die hij allemaal vloeiend spreekt!' Hovens vindt haar enthousiasme fijn. 'Het werkt erg motiverend. Wat ik knap van Leonie vind, maar nooit zal leren, is hoe snel zij reageert op emails en op wat ik inlever. Dat is wonderbaarlijk.'

Talige diversiteit

Hovens hoopt dat zijn onderzoek mensen bewust zal maken dat taaldiversiteit op de werkvloer de realiteit is. 'De Europese migratie zal niet van vandaag op morgen stoppen, al kun je, zoals nu blijkt bij Syrische vluchtelingen, niet voorspellen hoe dit verloopt. Het is daarom goed dat men voorbereid is op een zekere onvoorspelbaarheid van talige achtergronden en ook de creativiteit waarmee werknemers met taalbarrières omgaan leert waarderen. Ook zouden arbeidsmigranten en bijvoorbeeld leerlingen van het vmbo en de Duitse Realschule, die later vaak op zo'n meertalige werkvloer terechtkomen, in hun opleiding voldoende moeten worden voorbereid op de Euregionale arbeidsmarkt.'

Leonie Cornips (1960) is hoogleraar Taalcultuur in Limburg aan de Faculty of Arts and Social Sciences. Zij werkt ook als onderzoeker van Taalvariatie aan het Meertens Instituut (KNAW) in Amsterdam. Haar boek 'Eigen en vreemd. Meertaligheid in Nederland' is gepubliceerd in 2012.

Door: Hans van Vinkeveen (tekst), Paul van der Veer (fotografie)