27 maart 2020

Selectie voorspelt betere prestaties

Sanne Schreurs dacht voordat zij kennismaakte met haar promotor, hoogleraar Mirjam oude Egbrink, dat 'belangrijke personen' afstandelijk waren. "Ik verbaasde me erover hoe lief en ondersteunend Mirjam was." Oude Egbrink: "Sanne is enorm gegroeid als onderzoeker, daar ben ik trots op." Uit hun onderzoek blijkt dat de selectieprocedure bij Geneeskunde studiesucces en betere artsen voorspelt.  

sanne e en mirjam

Sanne Schreurs en Mirjam oude Egbrink

Gaan we loten of selecteren aan de poort? Het toelatingsbeleid voor opleidingen met een studentenstop heeft veel weg van een eeuwige discussie. Sinds 2017 is loten verboden, maar van veel selectieprocedures is onduidelijk of ze meten wat ze willen weten. Universiteiten worstelen met de vraag hoe een valide selectieprocedure eruitziet. In haar proefschrift 'Selection for Medical School; the quest for validity' toont Sanne Schreurs aan dat de selectie-aanpak zoals deze bij de opleiding Geneeskunde in Maastricht plaatsvindt voorspellend is voor studiesucces en waarschijnlijk betere artsen oplevert.

Gelijke kansen

Maastricht heeft volgens Mirjam oude Egbrink, promotor van Schreurs, lang gewacht met selecteren. "Er was nauwelijks bewijs dat selectie werkt. Toen het er dan toch van moest komen, wilden wij de beste methode om de beste studenten te selecteren en dit ook onderzoeken." Er lag voor promovenda Schreurs een ideaal onderzoeksveld klaar om te ontginnen. Een geselecteerde groep studenten kon worden vergeleken met een controlegroep van studenten, die afgewezen waren in de selectieprocedure maar alsnog toegelaten werden via de centrale gewogen loting.

Kenmerkend voor de selectie-aanpak bij Geneeskunde in Maastricht is dat er bij de aanmelding geen kennis maar competenties worden gemeten. Zo wordt een terugkerend bezwaar tegen selectie ondervangen. Kennistoetsen zouden de ongelijkheid aanwakkeren doordat bemiddelde studenten via commerciële trainingen hun kansen kunnen vergroten. Schreurs: "Onze toetsen omvatten alle voor een toekomstige arts relevante competenties, waaronder samenwerken, empathie en kennisverwerking. Dure trainingsbureaus inschakelen heeft geen zin. Zo houden we de kansen gelijk."

Betere semi-artsen

De onderzoeksuitkomsten van Schreurs laten zien dat geselecteerde studenten het op alle vlakken beter doen dan in eerste instantie afgewezen studenten. Schreurs: "Dit geldt voor kennistoetsen, interpersoonlijke competenties en vooral de combinatie van kennis met vaardigheden als samenwerken en professioneel gedrag. Die zijn bijvoorbeeld nodig voor een consult of het raadplegen van een collega-arts. In de master worden geselecteerde studenten vaker beoordeeld met een 'boven verwachting'. Hoeveel beter zij het doen neemt tegen het eind van de master zelfs nog toe."
Een ontdekking was wel dat de selectieprocedure kosteneffectief is. Loten kost niets, het wordt landelijk gefinancierd. Terwijl decentrale selectie de universiteit jaarlijks 139 duizend euro kost. Schreurs: "In de selectiegroep is er minder uitval in de bachelor. Bij uitval vervalt de bekostiging per student vanuit de overheid, terwijl het onderwijs gewoon doorgaat. Daarnaast moeten ingelote studenten studieonderdelen vaker herhalen. Je voorkomt met de selectie zoveel financieel verlies dat dit ruim opweegt tegen de selectiekosten."

Mirjam oude Egbrink is hoogleraar Implementatie van Onderwijskundige Innovaties en wetenschappelijk directeur van het Onderwijsinstituut aan de FHML. In de onderzoeksschool SHE is zij betrokken bij onderzoek naar onderwijs, met een speciale interesse voor onderwerpen die een directe relatie leggen tussen het onderwijskundige onderzoek en de praktijk.

Schreurs bewijst dat de manier van selectie bij Geneeskunde meet wat het moet meten en studiesucces voorspelt. Leidt dit ook tot betere dokters? Oude Egbrink: "Dat hopen we, bijvoorbeeld doordat ze beter communiceren en samenwerken. Dit zijn belangrijke eisen in het landelijke Raamplan waarin de eindtermen voor de artsenopleiding staan beschreven. Klachten over artsen gaan ook vaker over deze competenties dan over een gebrek aan kennis. Schreurs: "Een overtuigend bewijs is dat je het grootste prestatieverschil aan het eind van de master ziet. Dat is de fase waarin studenten al als semi-arts in de klinische praktijk functioneren."

Kort en bondig

Over hun samenwerking geen onvertogen woord. Schreurs: "Ik moest in het begin wel veel leren. Ja, ook bepaalde competenties." Oude Egbrink lachend: "Misschien moeten we ook de promovendi daar voortaan op gaan selecteren." Schreurs: "Ongestructureerde interviews zijn inderdaad een slechte selectiemethode bij sollicitaties." Maar serieus: "Ik kom van Psychologie en was gewend om lange theoretische verhalen te schrijven. Mirjam is meer van kort en bondig. Ook vond ik het geven van presentaties eng, maar dat hebben we samen aangepakt en gaat nu heel goed."

Oude Egbrink leerde van Schreurs veel over de gebruikte methode. Kenmerkend hiervoor was met name dat deze de cruciale vraag beantwoordt of de methode wel werkelijk toetst wat je wilt weten, in dit geval bepaalde competenties. "Dat Sanne zo gegroeid is, vervult me met trots. Ze is een goede onderzoeker geworden." Op haar beurt verbaasde Schreurs zich over oude Egbrink. "Ik dacht dat altijd dat belangrijke personen afstandelijk waren. Dan kom je Mirjam tegen, iemand die lief en ondersteunend in alles is. Ik vind het mooi dat zij zichzelf is gebleven."

Teamwork

Beide onderzoekers benadrukken dat zij steunden op de inbreng van copromotor Kitty Cleutjens, hoofddocent bij Pathologie, en mede-promotor Jennifer Cleland van de University of Aberdeen. Oude Egbrink: "We hebben samen gebrainstormd over de concepten en methode. Cleland heeft veel ervaring in het selectieonderzoek en bracht vooral ook het buitenlandse perspectief in." Schreurs: "In het buitenland wordt veel geselecteerd. Loten is typisch Nederlands en geen optie in bijvoorbeeld Engeland of de Verenigde Staten."

Inmiddels is de eeuwige discussie over selectie of loting in een volgende fase beland. Vanuit de politiek komt de roep om herinvoering van het loten. De onderzoekers vinden het jammer. Oude Egbrink: "De nuance ontbreekt, er wordt gesproken over dure selecties die niets opleveren en niet gekeken naar bewijs dat selectie wél werkt." Schreurs: "We zijn met zijn allen nog maar relatief kort bezig met selecteren en zouden de tijd moeten krijgen om te onderzoeken hoe we selectie kunnen verbeteren en optimaliseren."

 

Sanne Schreurs behaalde de master Psychologie en promoveert als onderzoeker bij de School of Health Professions Education (SHE). Zij is tevens docent en onderwijskundig adviseur bij de taakgroep DocentProfessionalisering en lid van het Study Smart project van de FHML en het EdLab.

Door: Hans van Vinkeveen (tekst), Paul van der Veer (fotografie)