Onderzoekers onderzocht

Dit jaar promoveerde Lea Beiermann aan de Universiteit Maastricht op het proefschrift A co-operation of observers. Ze onderzocht de rol van amateur-microscopisten aan het eind van de 19e eeuw. Voor haar onderzoek werkte ze samen met burgerwetenschappers – de microscopisten uit haar boek waren dat in feite ook. Een van haar promotors was Cyrus Mody, hoogleraar History of Science, Technology and Innovation aan FASoS. Beiermann legt uit waarom ze voor dit onderwerp koos en welke rol haar promotoren speelden.

Het begon allemaal met haar stage aan de Universiteit van Leicester, onderdeel van haar onderzoeksmaster Cultures of Arts, Science and Technology (CAST). "Ik dacht daar te gaan samenwerken met een literatuurwetenschapper, maar degene die mij zou begeleiden had het gedelegeerd aan een historicus. De eerste paar weken waren moeilijk, maar daarna begon ik het leuk te vinden. De Universiteit van Leicester heeft een archief met een grote collectie wetenschappelijke tijdschriften. In een daarvan las ik een artikel over microscopie. Ik ontdekte dat mensen in de 19e eeuw microscopie als een discipline zagen, zoals aardrijkskunde of biologie. Dat kwam me zo vreemd voor dat ik er meer over wilde weten."

Correspondentie

"De CAST-opleiding is heel interdisciplinair en omvat kunst, visuele cultuur, literatuur, technologie en geschiedenis. We denken dat we Lea goed hebben voorbereid op de plotselinge verandering tijdens haar stage. Ze kon zich heel makkelijk aanpassen," zegt Mody. "Ze schreef zo'n goede masterscriptie over het onderwerp microscopie dat haar toenmalige begeleider Raf de Bont haar voorstelde om een NWO-fellowship aan te vragen en een proefschrift te schrijven. We hebben haar weten over te halen om dat te gaan doen." Beiermann kreeg de fellowship en begon haar promotieonderzoek aan de UM. "Ik ontdekte dat de oude tijdschriften burgerwetenschap avant la lettre waren. Microscopisten hadden hun eigen correspondentiekolommen, waarin ze met elkaar communiceerden en informatie deelden. Er gebeurde veel op die pagina's, het was een soort continu vraag-en-antwoord-ding. Ze wisselden niet alleen kennis uit, maar ruilden ook dia's, bijvoorbeeld dia's van insecten tegen dia's van vlinders. Dat was in de jaren '70 van de 19de eeuw."

Mensen en magazines

Als mensen in die tijd geïnteresseerd waren in bijvoorbeeld dia's van insecten, hoe vonden ze elkaar dan? "Deze tijdschriften werden veel gedeeld," legt Beiermann uit. "Microscopieverenigingen en wetenschappelijke clubs hadden hun eigen collecties die de leden konden lenen. En ze hadden een netwerk van mensen die in dezelfde onderwerpen geïnteresseerd waren. Mensen schreven aan de redactie, die hen dan in de correspondentiekolom in contact bracht met gelijkgestemden." Waren het altijd wetenschappers?  “Dit was in een tijd dat de wetenschappelijke opleiding relatief nieuw was. Ook was de grens tussen een wetenschapper en een niet-wetenschapper vager. Disciplines als biologie en life sciences waren vrij nieuw. Lange tijd kon je in die disciplines geen diploma halen, en bovendien werd je met een diploma niet automatisch gezien als een betere wetenschapper. Voor mij maakte het niet uit of het wetenschappers waren of niet. Ik was geïnteresseerd in een zeer diverse groep mensen. Sommigen vonden het gewoon leuk om dingen door een microscoop te bekijken; voor hen was het meer een hobby."

UMagazine

Burgerwetenschap

Hedendaagse burgerwetenschappers – die overeenkomsten vertonen met die hobbyisten uit de 19e eeuw – werden door Beiermann uitgenodigd om mee te helpen met het analyseren van haar bronnen en materialen. "Er is een groot burgerwetenschappelijk online platform dat Zooniverse heet. Je kunt er als vrijwilliger aan allerlei projecten deelnemen. Aan mijn onderzoeksproject deden ongeveer 2.300 IP-adressen mee. Van de Biodiversity Heritage Library mocht ik een deel van hun collectie wetenschappelijke tijdschriften en boeken over de geschiedenis van de life sciences uploaden naar Zooniverse, zodat vrijwilligers microscopie-illustraties konden identificeren."

Waarom is burgerwetenschap zo belangrijk? "Het kan helpen de wetenschap democratischer te maken en meer mensen erbij te betrekken. Ik weet dat sommige mensen zich echt heel betrokken voelden bij mijn project. De vrijwilligers hadden daadwerkelijk invloed op mijn onderzoek. Ze brachten ook hun eigen ideeën in en begonnen hun eigen bronnen te verzamelen, bijvoorbeeld over vrouwelijke illustratoren. Het verrijkte mijn eigen onderzoek en zij haalden er voldoening uit."

Samenwerking

"Ik geloofde vanaf het begin in het project," zegt Mody. "Ik heb met veel plezier samengewerkt met Lea, mijn collega Raf de Bont en Stefanie Gänger van de Universiteit van Heidelberg, Lea's derde promotor. Lea heeft een achtergrond in journalistiek en poëzie, dus haar teksten zijn altijd heel duidelijk en lekker leesbaar. Haar argumenten waren volkomen helder, dus in die zin was het vrij gemakkelijk om haar te begeleiden. Ik was nooit eerder in aanraking gekomen met burgerwetenschap of digitale geesteswetenschappen. Nu is het een steeds groter onderdeel van mijn werk. Lea gaf me een mooie ingang in die wereld. Ik haal ook inspiratie uit haar werk met Historians for Future, een platform dat de klimaatbeweging ondersteunt door een historisch perspectief te bieden op de huidige klimaat- en biodiversiteitscrisis. Lea heeft het platform in 2020 samen met twee senior collega's opgericht." Beiermann: "Ik heb veel geleerd van mijn drie promotors, die elk hun eigen expertise en kennis meebrachten. En, net zo belangrijk: onze bijeenkomsten waren altijd interessant en gezellig. Niemand van ons nam zichzelf al te serieus dat is altijd goed."


Tekst: Margot Krijnen
Fotografie: 
Philip Driessen

Lees ook

  • De Universiteit Maastricht draagt zorg voor veel markante gebouwen en kunstwerken. Door ze een nieuwe bestemming te geven, behouden we deze iconen en geven we ze een nieuwe invulling, waardoor ze het kloppende hart vormen van een bruisende stad. 

    Wist je dat deze gebouwen en kunstwerken ook toegang...

  • Oud-studenten Brian en Rob Timmermans combineerden hun studies Econometrie en Sustainable Finance met hun passie sportkarate. Met een zich alsmaar vullende prijzenkast als resultaat. Beiden zijn meervoudig en regerend Nederlands kampioen in hun gewichtsklasse en acteren succesvol op het wereldpodium...

  • “Ik ben er trots op dat onze nieuwe groep Circular Plastics het eerste volledig eigen onderzoek publiceerde”, zegt Kim Ragaert. Drie jaar geleden, bij haar start in Maastricht, zette ze de onderzoeksgroep op. Inmiddels staat ze aan de basis van menige innovatie op het gebied van plasticrecycling en...