Kijkt mijn schildpad teleurgesteld?

Als een Labradoedel kon praten, zouden we hem niet kunnen verstaan (vrij naar Wittgenstein). Onze woorden krijgen namelijk betekenis door een gemeenschappelijke manier van leven, door de manier waarop we de wereld proberen te begrijpen. En toch denken de meeste mensen dat hun huisdier hen begrijpt of dat hun gevoelens op zijn minst vergelijkbaar zijn met de onze. Promovenda Su Bingtao wil bijdragen aan een duurzame relatie tussen mens en dier. Daarom heeft zij onder begeleiding van haar promotor Pim Martens onderzoek gedaan naar de relatie tussen de ethische opvattingen van mensen, hun gehechtheid aan dieren en de mate waarin zij denken dat gezelschapsdieren emoties hebben.

Twee vragenlijsten werden door meer dan 4000 respondenten uit Nederland, China en Japan ingevuld. Op basis hiervan probeerde Su een antwoord te vinden op de volgende drie vragen: In hoeverre is er een relatie tussen de ethische ideologie van de deelnemers en hun houding tegenover dieren in het algemeen? Is er een correlatie tussen hoe gehecht mensen zijn aan hun huisdier en de mate waarin zij er emoties aan toekennen? En wat is de invloed van gezelschapsdieren op het milieu?

Zoals Su al had verwacht, waren de respondenten in China zich minder bewust van dierenwelzijn dan  in Nederland. De Japanse resultaten waren vergelijkbaar met die van China. “Japan is een heel ontwikkeld land en staat zeer open tegenover de westerse waarden,” licht Su toe. “Maar tegelijkertijd is het land sterk verankerd in de oosterse cultuur, vandaar dat we het interessant vonden om deze landen te vergelijken.”

Gedragsverandering

“Oosterse landen zijn meer collectivistisch ingesteld en bekijken dierenwelzijn daarom in termen van kosten en baten, ” vervolgt Su. “Daardoor staan ze bijvoorbeeld welwillender tegenover medische experimenten met proefdieren. In westerse landen wordt dierenmishandeling juist gezien als een verpersoonlijking van het kwaad.” In het westen is al eerder onderzoek gedaan naar hoe mensen zich verhouden tot dieren, maar in oosterse landen als China of Japan nog niet. “Het leek me een interessant onderwerp om te onderzoeken en eerlijk gezegd zou ik het heel goed vinden als Chinezen en Japanners beter met dieren zouden omgaan.”

Het vraagstuk duurzame ontwikkeling komt vooral aan de orde in de hoofdstukken over de milieueffecten van de voedselconsumptie van gezelschapsdieren, de zogenaamde ‘ecologische pootafdruk’. Hoe schattig huisdieren ook zijn, het wringt wel: wie een grote hond heeft, vergroot zijn ecologische voetafdruk met bijna 60% en zijn CO2-uitstoot met meer dan 10%. Het milieueffect van het dieet van een grote hond is vergelijkbaar met dat van tien volwassen mensen.

Su die sociologie studeerde en zelf drie schildpadden heeft, heeft genoten van haar tijd in Maastricht: “De Nederlanders zijn heel open en individuele rechten en persoonlijke vrijheid zijn hier heel belangrijk.” De goede reputatie van de universiteit was een pluspunt, maar de belangrijkste reden om voor Maastricht te kiezen was haar promotor Pim Martens. “Ik kende hem van zijn artikelen over duurzame ontwikkeling. Dus heb ik contact met hem opgenomen, we hebben ideeën uitgewisseld en daarna heb ik me aangemeld bij de Chinese Scholarship Council.” Dat pakte heel goed uit voor Su. Tijdens haar promotietraject publiceerde ze zeven peer-reviewed artikelen: “Het was geweldig om met Pim samen te werken. Je kunt altijd bij hem binnenlopen en hij heeft me altijd aangemoedigd en zelfvertrouwen gegeven.”

- Tekst gaat verder onder de foto -

Onderzoek naar een duurzame relatie tussen mens en dier

Met schilpadstapjes naar meer bewustwording

Vrijwel alle huisdierbezitters in het onderzoek kennen ten minste primaire emoties toe aan hun hond of kat, zoals woede, blijdschap of angst. Ook secundaire, meer complexe emoties als jaloezie of schaamte werden in wisselende mate genoemd. Opvallend daarbij was dat meer dan 70% van de Aziatische respondenten compassie als emotie noemde, tegenover 28% in Nederland. “Compassie speelt een grote rol in veel oosterse culturen. Mensen zijn zich er daardoor meer van bewust en denken deze emotie dus ook eerder te herkennen in het gedrag van hun huisdier.”

Jeremy Bentham zou over Wittgensteins viervoeter hebben gezegd dat het niet uitmaakt of het dier kan praten. Het enige wat er volgens hem toe doet is dat het kan lijden, pijn kan voelen. En langzaam maar zeker, in schildpadtempo, gaan we beseffen dat dieren – ook de minder aaibare – pijn kunnen ervaren en dat hoe we hen behandelen iets over onszelf zegt. En vanuit dat besef moeten we in actie komen.

Bingtao Su (31) heeft een PhD in duurzaamheidswetenschappen en heeft zich specifiek gericht op duurzame relaties tussen mens en dier. De titel van haar proefschrift is Human-Animal Relationships: A Cross-Cultural Comparison of Human Attitudes towards Animals. Voordat ze naar Maastricht kwam, studeerde ze sociologie aan de Northwest A&F University in Yangling in China.

Pim Martens (1968) is hoogleraar Duurzame ontwikkeling aan de universiteiten van Maastricht en Stellenbosch (Zuid-Afrika). Hij was als onderzoeker verbonden aan o.a. de ETH Zürich, de London School of Hygiene and Tropical Medicine, de Universität Heidelberg en Harvard University. Daarnaast is hij oprichter van AnimalWise, een ‘denk-en-doe tank’ gericht op duurzame mens-dierrelaties.

tekst: Florian Roth
fotografie: Paul van der Veer

Lees ook

  • De Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek heeft dr. Marieke Hopman en dr. Guleid Jama financiering toegekend voor hun nieuwe onderzoeksproject CHILD-WAR. 

  • YUFE is thrilled to announce that its student program, the YUFE Student Journey, evolves into OpenYUFE, enabling students to apply all year long.

  • Hij omschrijft zichzelf als ‘een redelijk rationeel wezen’. Wanneer hij woorden als ‘genieten’, ‘liefde’ of ‘eenzaam’ al in de mond neemt, corrigeert hij zichzelf onmiddellijk: “Nouja, liefde, groot woord. Laten we zeggen dat mijn affiniteit met de universiteit tot bloei kwam in Maastricht.” Na 25...