10 juli 2019
Soulkitchen: een kijkje in de keuken van UM-medewerkers

Eten verbindt

Ontmoet Catalina Goanta, universitair docent privaatrecht, en je weet meteen wat ultieme gastvrijheid is. Ze wil niet alleen dolgraag meedoen aan een keukentafelgesprek voor deze rubriek, maar voegt hier tot mijn grote verrassing meteen een uitnodiging voor een etentje aan toe. “Dat vinden we in Roemenië heel normaal. Als je ergens op bezoek gaat en je krijgt niets te eten, dan is dat een reden om nooit meer terug te komen. Het is een teken van respect.”

Catalina Goanta

Geheel in de Roemeense geest moest zij als dochter de huishoudelijke taken overnemen. “Vanaf mijn twaalfde kookte ik voor mijn ouders en mijn broer.  Vanaf het begin vond ik koken leuk, alleen was het soms lastig om aan mijn moeders eisen te voldoen”, zegt ze met een grote glimlach. “Zij kon zich in de keuken gedragen als een echte Gordon Ramsay, alleen werd zij nooit beledigend.” Bepaalde haar moeder aanvankelijk het menu, toen ze wat ouder werd ging ze zelf experimenteren, vooral met Italiaans eten. “Dat sloeg wel aan, mijn moeder maakt nog steeds ‘mijn’ tiramisu bij speciale gelegenheden.”

Hoofdgerecht: gegrilde champignons, groene asperges en hasselbackkrieltjes à la Ottolenghi

Wat ze vooral mist is de volle zoete smaak van de tomaten uit de tuin van haar oma en de zacuscă  (gegrilde aubergine-paprikapuree) van haar moeder. De traditionele Roemeense keuken is niet voor watjes. Ze is zwaar, calorierijk en kost veel tijd. “Roemenië is de grens geweest tussen het westen en het Ottomaanse Rijk. Dat zie je terug in het eten dat veel Turkse en mediterrane invloeden kent. Een feestmaal bestaat onder andere uit sarmale (koolrolletjes), veel vlees, salades met mayonaise, heel veel mayonaise en profiteroles. Zelf kookte ik vaak ‘ciorbă’, een zelf getrokken soep met vlees en groenten. In Roemenië zijn ze gek op de variant die gemaakt wordt van pens met heel veel knoflook, zodat het niet zo stinkt. Daar hou ik helemaal niet van.”
Goanta is geboren en getogen in Boekarest, maar de ouders van haar moeder woonden op het platteland. “Daar zag ik hoe een kip werd geslacht. En ik herinner me dat wanneer mijn oma een eend wilde slachten, ik deze altijd probeerde te redden door ‘m los te laten wat uiteindelijk alleen maar uitstel van executie was”, vertelt ze lachend. “Ik vind eenden zo schattig, met kippen had ik dat niet. Ik weet hoe je een kip moet villen, ik weet hoe het ruikt wanneer je een kip opensnijdt en de ingewanden eruit haalt. Daardoor zie ik het kipfiletje in de supermarkt niet als vanzelfsprekend. In Roemenië wordt heel veel vlees gegeten. Zelf probeer ik nu wat bewuster met eten om te gaan en mijn ecologische voetafdruk wat kleiner te maken. Ottolenghi is mijn favoriete kok van dit moment, hij weet groente zo lekker te maken.”

Nagerecht: Roemeense apfelstrudel

Een belangrijk moment in de recente Roemeense geschiedenis is de terechtstelling van Ceaușescu in 1989, waarmee een einde komt aan het communistische regime. Goanta is dan drie jaar oud. Het betekende een enorme verandering.  “Exotisch fruit als sinaasappels en bananen bijvoorbeeld, waren voordien een zeldzaamheid. Behalve als je de juiste mensen binnen de communistische partij kende. Dus soms hadden we een tros bananen in huis, die in de kast werd opgeborgen omdat ze nog helemaal groen waren. Wanneer ze dan eindelijk rijp waren, was dat een enorme traktatie. En mijn opa stond bijvoorbeeld om vijf uur in de ochtend in de rij voor twee pakken melk.”
Ze herinnert zich nog de eerste Sinterklaas na de val van het communisme. “Mijn schoen zat toen vol met Amerikaanse Twinkie’s, een soort cakeje met crème. Dat soort snoepgoed kende ik helemaal niet. Alle winkels werden tot de nok toe gevuld met Amerikaanse producten, terwijl er voorheen bijna niets was. Van een leeg rek naar 20 soorten cereals. Dat zorgde ook voor problemen: mensen werden gretig en raakten in de schulden.” 

Cadeautje: moeders zacuscă en jam

Haar ouders zijn inmiddels verhuisd van Boekarest naar het platteland van Transsylvanië. Zeker drie keer per jaar bezoekt Goanta hen. “Het is daar zo mooi, alleen moet je uitkijken voor beren.” En gelukkig komen haar ouders ook regelmatig naar Nederland. “Ze komen altijd met twee koffers, een met kleren en de ander met eten: jam, ingemaakte groente, zacuscă en nog veel meer.” Met een potje jam en zacuscă verlaat ik het huis; ik heb me nog nooit zo welkom gevoeld.

Door: Annelotte Huiskes (tekst), Arjen Schmitz (fotografie)