28 oktober 2019
Werelddag voor Audiovisueel Erfgoed 27 oktober

De muren van de Stasi hebben oren

Als gastwetenschapper aan het Max Planck Instituut voor Wetenschapsgeschiedenis in Berlijn bestudeert professor Karin Bijsterveld afgeluisterde gesprekken van de Stasi en leest ze documenten om erachter te komen hoe de organisatie worstelde met geluiden, hoge ambities en wat we tegenwoordig big data zouden noemen.

Ontluisterende stemafdrukken

De Stasi riep de hulp in van de Berlijnse Humboldt-universiteit om een systeem te ontwikkelen dat geluid kon analyseren door het in een spectrogram of stemafdruk te visualiseren. Het doel van forensische akoestiek was simpelweg het kunnen identificeren van een anonieme beller door een belastende opname van een telefoongesprek aan een officiële opname te koppelen. “Ze kwamen er al snel achter hoe moeilijk het was om mensen te identificeren op basis van geluid. De stemafdruk kan verschillen afhankelijk van de opnameapparatuur, de kwaliteit van de verbinding, hoe gespannen je bent, je leeftijd, context, etc..”

Ook de woordkeuze is interessant: “de term ‘stemafdruk’ is een te groot woord. Daarmee wordt meer waarde en nauwkeurigheid toegekend aan de technologie dan die in werkelijkheidkon bieden.” De Stasi onderkende het probleem en probeerde het op te lossen door rücksichtlos massatoezicht - het verzamelen van zoveel mogelijk gegevens - te combineren met een handmatige aanpak: alle opnames beluisteren en beschrijven. Er waren echter twee grote problemen.“Al snel bleek dat de waarneming van stemmen zeer subjectief is: wat is een zware stem? Hoe classificeerbeschrijf je iemand  als een langdradig persoon?” De Stasi ging van vrije tekstbeschrijvingen over op het aanvinken van vakjes, naar een semantisch differentiaal, met andere woorden een binaire schaal. “Ook ontwikkelden ze een lijst van kenmerken die steeds langer werd en voortdurend veranderde. Uit de dossiers blijkt dat er veel onenigheid bestond over de beste werkwijze.”

Te veel data voor een eenvoudig cassettebandje

Het andere probleem is de enorme hoeveelheid gegevens die nodig is voor preventief massatoezicht. Daar komen ernstige epistemologische en ethische vragen bij kijken. Archivarissen worden tussen de opnames van verhoren of afgeluisterde gesprekken getrakteerd op tien seconden Duitse Schlagermuziek. “De Stasi kwam regelmatig geluidsband te kort: ze moesten de tapes niet alleen hergebruiken, ze begonnen ook cassettebandjes in beslag te nemen van auto's die de grens overstaken.”

Het classificatieprobleem dat met grote hoeveelheden gegevens gepaard gaat speelt ook een rol. “Wat bewaar je? Waarvoor is het belangrijk en wanneer? Meer gegevens maken het systeem zelfs langzamer. Hoe meer categorieën je bedenkt en in de loop van de tijd verandert, hoe moeilijker het is om dingen terug te vinden". Bijsterveld vindt de epistemologische twijfel over het verzamelen en opslaan van gegevens om ze op het juiste moment zinvol te kunnen gebruiken, zeer relevant voor het hedendaagse gebruik van big data.

State-of-the-art technologie
van: Christian Koristka (1968), Magnettonaufzeichnungen und kriminalistische Praxis

stasi desk with phone
Het bureau van Erich Mielke, hoofd van de Stasi. Foto: Rein de Wilde

Menselijke agenten

“Ze hebben ongetwijfeld afschuwelijke dingen op hun geweten. Het is vreemd om het harde werk en de toewijding te zien.” Toewijding tot op zekere hoogte. “In november '89 stoppen de logboeken en vind je handgeschreven pensioenberekeningen...” De archieven onthullen ook een verrassend menselijke kant van de plichtsgetrouwe Oost-Duitse agenten. “In een logboek vond ik een gedicht dat waarschijnlijk tijdens een huiszoeking was aangetroffen. Ik weet niet of ze dachten dat het belastend bewijs was of dat ze het gewoon een goed gedicht vonden...”

Jammer genoeg kon ze deze menselijke kant niet helemaal onderzoeken. “Ik was erg opgewonden toen ik de contactgegevens kreeg van een wetenschapper die aan de geluidsanalysetechnologie had gewerkt.” Maar Bijsterveld maakte de fout waar ze haar studenten altijd voor waarschuwt. “Ik wilde wachten tot ik meer informatie had, zodat ik geen domme vragen zou stellen. Ondertussen had een andere onderzoeker al contact opgenomen met de wetenschapper. Blijkbaar was dit gesprek niet goed verlopen en wilde hij met mij niet meer over het verleden praten.”

De meest toegankelijke geheimen ter wereld

Bijsterveld is al in 2009 met dit onderzoek begonnen, het heeft haar veel tijd gekost om de nodige dossiers te verkrijgen. “Enkele jaren nadat ik het verzoek had ingediend, kreeg ik een enorme doos met zo'n duizend kopieën van bestanden. Het  had zo lang geduurd, omdat   ze alle namen onherkenbaar hadden moeten maken.” Dat maakt de Stasi-archieven uniek: ondanks de begrijpelijke aandacht voor privacy, is het de meest toegankelijke geheime dienst ter wereld.

Wat het onderzoek naar auditief erfgoedbetreft, is dit haar meest recente uitstapje. Bijleveld begon met het bijhouden van de geschiedenis van geluid als publiek probleem. Daarna zette ze een installatie op met oude Amsterdamse geluidslandschappen, waaronder interactieve simulaties van de Dam in 1895 en 1935, door opnames van historische artefacten te gebruiken op basis van een schilderij. “Het is fascinerend, maar natuurlijk luisteren we nu op een heel andere manier; we geven verschillende betekenissen aan geluiden.”

Luistervaardigheden begrijpen 

Op dit moment gaat haar voornaamste interesse uit naar sonische vaardigheden; oftewel waarom en hoe luisteren mensen in verschillende wetenschapsgebieden? . “Horen wordt vaker betwist dan zien, vandaar dat de Stasi zich in eerste instantie baseerde op spectrogrammen, ofwel visuele weergave van frequenties.” Opvallend genoeg lijkt er ook een tendens in de tegenovergestelde richting te zijn, zoals haar collega Alexandra Supper liet zien.“Sonificatie betekent het omzetten van gegevens in geluid. Sommige mensen beweren dat het op die manier gemakkelijker is om patronen te ontdekken, maar dit is nog steeds omstreden... Er is ook een speelse kant: op de website van CERN is te zien hoe wetenschappers hun data op muziekinstrumenten spelen." Daarmee is niet gezegd dat dit ook pedagogisch relevant is; de deeltjesfysica wordt niet beter begrepen als die op een fagot ten gehore wordt gebracht, “maar het geeft sommige mensen het gevoel dichter bij dit immens abstracte onderzoek te staan.” Zoals luisteren naar muziek van de sferen...

Dat Bijsterveld een paar jaar geleden aan één oor haar gehoor is verloren, is zowel tragisch als ironisch - maar ze gaat door. “Ik maak er grapjes over met mijn collega's. Gelukkig zijn veel van mijn bronnen over geluid geheel visueel...”

Alle informatie over het huidige onderzoek van Prof. Bijsterveld is legaal en met haar volledige toestemming verkregen.

Karin Bijsterveld is historicus en hoogleraar Wetenschap, Technologie en Moderne Cultuur. Haar werk richt zich op thema's op het snijvlak van wetenschaps- en technologiestudies en geluidstudies. Haar meest recente boek is Sonic Skills: Listening for Knowledge in Science, Medicine and Engineering (Palgrave 2019). Ook haar audio-boek Weg van geluid is gratis beschikbaar. 
 

Door: Florian Raith