28 juni 2018

UM-onderzoekers met een beurs naar het buitenland

Dean Paes en Samaneh Gazanfari zijn twee van de vier UM-onderzoekers die dit jaar met een Research Mobility Award van YERUN naar het buitenland konden. Deze beurs, van het Young European Research Universities network (YERUN), heeft als doel onderzoeksamenwerking te stimuleren. En dat doet het, zo blijkt uit hun ervaringen.

Patiënten ontmoeten in Zweden

Samaneh Ghazanfari

Samaneh Ghazanfari’s loopbaan tot zover
Samaneh Ghazanfari is expert op het gebied van ‘tissue engineering’ en biomaterials. Na het afronden van haar promotietraject aan de Technische Universiteit Eindhoven en een postdoc van twee jaar aan de Vrije Universiteit Amsterdam (inclusief een bezoek aan de VS), was ze klaar om haar fundamentele kennis te vertalen naar de kliniek. Sinds september 2016 werkt ze bij het AMIBM-instituut en leidt ze een groep rond biohybrides en medische verbindmiddelen.

Wat trok haar van Iran naar Nederland?
“Ik kom oorspronkelijk uit Iran, waar ik een master afrondde aan één van de topuniversiteiten, de Amirkabir University of Technology. Ik kwam naar Nederland voor mijn promotietraject. Ik hou ervan te werken in een multiculturele omgeving, waar ik ook kan samenwerken met goede onderzoekers van andere universiteiten en uit andere landen. Dat is onder andere wat me bijna twee jaar geleden aantrok in deze baan: het feit dat ik in een grensoverschrijdend instituut zou werken. AMIBM is een samenwerking tussen de Universiteit Maastricht (UM), RWTH Aken en Frauenhofer IME. Het biedt me ook de gelegenheid om samen te werken met het bedrijfsleven hier op de Brightlands Chemelot Campus, wat heel belangrijk is voor het vertalen van mijn onderzoek naar de klinische praktijk.”

Belangrijke tip: weet wat je wilt
Ghazanfari’s nieuwsgierigheid naar verschillende wetenschappelijke omgevingen gaf ook de doorslag bij het aanvragen van een YERUN Research Mobility Award. Ze bracht twee weken door aan de Universiteit van Linköping in Zweden, bij de groep van professor Folke Sjöberg, de directeur van het brandwondencentrum en de afdeling Klinische en Experimentele Geneeskunde. “Twee weken is niet lang, maar ik wist precies wat ik zocht: een groep die ervaring heeft met onderzoek naar wondverbinding in het ziekenhuis en de mogelijkheid om patiënten te ontmoeten.” Dat, plus de zeer hartelijke sfeer in Linköping, maakte haar reis tot een groot succes.

Inspirerende confrontaties met echte patiënten
Ghazanfari liep dagenlang mee met artsen en verpleegkundigen en zag hoe ze ernstige brandwonden verbinen en, onder meer, voetwonden van diabetespatiënten. “De laatsten waren het moeilijkst om te zien, moet ik zeggen, want je zag het dode weefsel zitten, zonder zicht op vooruitgang. Dat is dan ook één van de soorten wonden waarop we ons nu richten.” Telkens als het verband verwisseld wordt, is er een kans dat nieuw gevormd weefsel loskomt. “Dus wij willen een verband ontwikkelen dat meerdere stadia van wondgenezing mee kan.”

Waarom contacten met klinici cruciaal zijn voor Samaneh’s werk
De uitleg van de verbandexperts in Linköping was ontzettend verrijkend, zegt ze: “In die twee weken heb ik meer geleerd over het verbinden van wonden dan ik had kunnen leren door maandenlang literatuur te lezen.” De verkregen inzichten variëren van de redenen waarom klinici kiezen voor een bepaald verbandtype tot de eisen die ze stellen aan een innovatie. “Je kunt wel een heel complex, multifunctioneel verband ontwikkelen, maar als het niet past bij hun dagelijkse werkwijze, zullen ze het niet gebruiken. Daarom is het zo belangrijk om in gesprek te blijven met klinici in dit type translationeel onderzoek.”

Hoe de samenwerking vorm krijgt in de toekomst
Haar netwerk is uitgebreid en er zijn plannen om te blijven samenwerken met de collega’s in Linköping. “Aan de UM kunnen we een verband ontwikkelen en maken, die dan klinisch getest kan worden door de collega’s in Linköping, want daar zijn ze erg ervaren in. Anderzijds is hun onderzoek gefocust op huidtransplantatie, waar onze kennis van biomaterialen van pas komt. Op de lange termijn willen we dan ook een Europese onderzoeksbeurs aanvragen, om een ‘scaffold’ (een soort ondergrond red.) te ontwikkelen die huidtransplantaties verbetert.” In september geeft prof. Sjöberg een lezing in Amsterdam en dat combineert hij met een bezoek aan AMIBM.

Laatste tip: wees dapper en sta open voor nieuwe kansen
Het is een voordeel als je met veel verschillende mensen uit verschillende culturen overweg kunt als je op een uitwisseling als deze gaat, zegt Ghazafari. “Ik ben zelfverzekerder geworden wat dat betreft na mijn reis naar de VS. Aan Harvard en MIT ontmoette ik de grote namen uit mijn vakgebied en zo leerde ik dat ze heel open zijn als je dat zelf ook bent. Ik vind het altijd leuk om met mensen samen te werken die daarvoor open staan, want volgens mij verbetert de kwaliteit gigantisch als wetenschappers uit verschillende disciplines samenwerken.”

Onderzoek aan het strand van Barcelona

Dean Paes

Wat onderzoekt Dean Paes?
Dean Paes’ onderzoek naar de Ziekte van Alzheimer richt zich op een enzym dat een belangrijke rol speelt in het opslaan van nieuwe herinneringen. Op 1 juni 2017 begon hij met zijn vierjarige promotietraject aan de Universiteit Maastricht (UM) en hij vond in dat eerste jaar al dat dit enzym meer aanwezig is in de hersenen van mensen met Alzheimer dan bij gezonde hersenen.

Een geweldige metafoor, waarmee iedereen het begrijpt
“Ik vergelijk het altijd met een emmer met water, die je naar een kamer wilt brengen. Het water is hierbij informatie over de dingen die je meemaakt en de kamer is het lange termijngeheugen. Bij iedereen zitten er wat gaatjes in de bodem van de emmer; bij niemand komt elk detail van wat hem dagelijks overkomt of opvalt in het langetermijngeheugen terecht. Maar als dat enzym verhoogd aanwezig is in je brein, is dat te vergelijken met meer of grotere gaten in de bodem van de emmer. En hoe meer gaatjes, hoe minder informatie uiteindelijk aankomt in het langetermijngeheugen.” In wetenschappelijke termen heet het dan dat de ‘signaleringscascade verantwoordelijk voor geheugenvorming sterker wordt getemperd vanwege verhoogde expressie van dat enzym’. In dit filmpje  legt Dean dit principe nog eens uit.

De oplossing is helaas niet eenvoudig
Wie denkt dat het eenvoudig remmen van dat enzym in ons brein dé oplossing voor de Ziekte van Alzheimer is, heeft het mis. “Als je een medicijn zou gebruiken dat alle subtypen van het enzym tegelijkertijd remt, krijg je neveneffecten, als misselijkheid en braken.” Het recept voor het maken van al deze verschillende enzym-subtypen  staat geschreven (gecodeerd) in één enkel gen in ons DNA en Paes zou graag meer weten over hoe verschillende stukjes van dit gen gecombineerd worden om de verschillende subtypen te vormen. “Zodat we uiteindelijk kunnen leren hoe we het geheugen kunnen verbeteren door enkel bepaalde subtypen te remmen, zonder vervelende neveneffecten.”

Zon, zee en datasets in Barcelona
In zijn zoektocht naar een onderzoeksgroep binnen de bij YERUN aangesloten universiteiten, stuitte hij op de groep van prof. Eduardo Eyras aan de Universitat Pompeu Fabra in het Spaanse Barcelona. “Zij zijn expert op het gebied van ‘alternative splicing’, oftewel het proces hoe genstukjes gecombineerd worden om voor subtypen te coderen. Ze onderzoeken dit met een focus op kanker, maar interessant genoeg zijn er zelfs studies die een link tussen ‘ons enzym’ en kanker aantonen. Win-win.” Paes was er welkom. In twee weken tijd genoot hij niet alleen van het mediterrane klimaat en het prachtige gebouw direct aan zee, maar ging er vooral een nieuw wetenschappelijk deurtje voor hem open. “Ik doe voornamelijk labonderzoek, daar zijn ze gespecialiseerd in het analyseren van grote datasets met computertechnologie.”

Dean is geïnspireerd voor de rest van zijn PhD-traject
Paes genereerde in die twee weken veel data waarmee hij zijn onderzoeksvraag op een andere manier kan benaderen en deed contacten op die hij warm gaat houden. “Ik heb gezien hoe waardevol dat kan zijn. Je kunt met computational science enorm veel data analyseren en vervolgens nieuwe hypotheses genereren in korte tijd. Mijn programmeervaardigheden zijn weer een beetje opgefrist, hoewel ik nog lang niet in de buurt kwam van hun expertise natuurlijk. Je kunt niet overal expert in zijn, daarom is samenwerking zo belangrijk. En dus dit soort uitwisselingen. Ik heb geen wetenschappelijke doorbraak gehad in twee weken tijd, maar wel een fundament gelegd voor een extra benadering die nog meer kennis creëert over dat enzym. Iedere dag kom je als wetenschapper dichter bij de waarheid. Het antwoord is er gewoon, maar het is aan ons het te ontrafelen.”

Door: Femke Kools