7 maart 2018

Onschuldige verdachten hebben zelden een geloofwaardig alibi

Onschuldige verdachten moeten hun onschuld kunnen aantonen met een geloofwaardig alibi. Onderzoek van rechtspsycholoog Ricardo Nieuwkamp toont aan dat maar 2% van alle onschuldigen in staat blijkt een dergelijk alibi te leveren. Rechercheurs vinden een alibi namelijk pas geloofwaardig als het ongewijzigd blijft en wordt ondersteund door sterk bewijs, denk aan camerabeelden. Onschuldigen hebben echter vaak zwakker bewijs voor hun alibi, bijvoorbeeld een familielid als getuige. Mensen kunnen zich ook simpelweg vergissen of in eerste instantie hebben gelogen, bijvoorbeeld om te verdoezelen dat ze bij een minnaar of minnares waren. Ricardo Nieuwkamp promoveert op 7 maart aan de Universiteit Maastricht.