Impact Prijs voor Katya Sion

Katya Sion heeft tijdens het jaarlijkse Maastricht University Dinner de Impact Prijs ontvangen voor haar proefschrift ‘Connecting conversations: experienced quality of care from the resident’s perspective: a narrative method for nursing homes’. Katya (CAPHRI / Academische Werkplaats Ouderenzorg Limburg) ontwikkelde een nieuwe methode om de ervaren kwaliteit van de verpleeghuiszorg te meten via persoonlijke verhalen.

Impact prijs

Promovendi aan de Universiteit Maastricht zijn verplicht om in hun proefschrift een hoofdstuk te schrijven over hoe hun onderzoek vertaald kan worden naar maatschappelijke of economische waarde. De Impact prijs wordt jaarlijks toegekend aan het onderzoek dat de grootste impact op de samenleving heeft. De prijs bestaat uit een geldbedrag van € 3.000 - beschikbaar gesteld door UM en Universiteitsfonds/SWOL gezamenlijk - plus een kunstwerk.

Kwaliteit van verpleeghuiszorg: Het perspectief van de bewoner

In Katya's proefschrift wordt een nieuwe kijk op kwaliteit van langdurige zorg geïntroduceerd. Ervaren kwaliteit van zorg in verpleeghuizen is een interactief proces, sterk beïnvloed door de relaties tussen bewoners, hun naasten en professionele zorgverleners. Deze bredere kijk op kwaliteit van zorg vereist ook een andere manier om dit te beoordelen, waarbij niet alleen kwantitatieve gegevens nodig zijn, maar ook aanvullende narratieve gegevens over de ervaringen van bewoners en hun naasten.

Ruimte voor zorg

Het onderzoek is uitgevoerd samen met bewoners, diens vertegenwoordigers, verpleeghuismedewerkers en nationale belanghebbenden en resulteerde in een narratieve methode: Ruimte voor Zorg (Connecting Conversations). Ruimte voor Zorg meet ervaren kwaliteit van verpleeghuiszorg vanuit het perspectief van de bewoner, door aparte gesprekken te voeren met de bewoner, een naaste en een dagelijks betrokken zorgverlener van die bewoner (de driehoek). De interviewers zijn getrainde verpleeghuismedewerkers, die met een ondersteunende app in elkaars zorgorganisaties gesprekken voeren (lerend netwerk). Centraal in de methode staat  een waarderende benadering (appreciative inquiry). Daarmee blijft zij weg van beoordelingen en ranglijsten, maar identificeert de behoeften van bewoners-naasten-zorgverleners en leer- en verbeteringspunten.

Maatschappelijke impact

Ruimte voor Zorg is waardevol voor verschillende belanghebbenden. Voor bewoners, hun familie en zorgverleners biedt het waardevolle handvatten om het gesprek aan te gaan over wat men belangrijk vindt in de dagelijkse zorg. Dit draagt bij aan directe kwaliteitsverbetering. Bovendien bieden de verhalen aan cliëntenraden rijke informatie die zij kunnen gebruiken om de behoeften van de bewoners in kaart te brengen. Teammanagers gebruiken de verhalen om op teamniveau te leren en te verbeteren; en hoger management krijgt inzicht in hoe hun zorgorganisaties daadwerkelijk worden ervaren. Voor landelijke stakeholders dragen de verhalen bij aan het verkrijgen van informatie over de ervaren kwaliteit van zorgorganisaties. Deze informatie kan bijvoorbeeld gebruikt worden voor het inkopen van hoge zorgkwaliteit (zorgverzekeraars), het waarborgen van zorg van hoge zorgkwaliteit (Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd) en het stimuleren van kwaliteitsverbeteringen (Zorginstituut). Daarnaast kan zowel de nieuwe kijk op kwaliteit als het gebruik van narratieve kwaliteitsmetingen een meerwaarde hebben binnen het onderwijs om de opvattingen van studenten over kwaliteit van zorg te verbreden.

Ruimte voor Zorg en haar principes kan een verschuiving in de verpleeghuiscultuur ondersteunen, waarin verplichte registraties, taken en checklists meer ruimte maken voor gesprekken, relaties en een leercultuur. Dit kan bijdragen aan het bereiken van een hogere kwaliteit van zorg, kwaliteit van leven en kwaliteit van werk voor bewoners, familie en zorgmedewerkers in verpleeghuizen.

Klik hier voor het volledige proefschrift (Engelstalig)
Klik hier voor de factsheet (Nederlandstalig)

um_star_show

De Academische Werkplaats Ouderenzorg Limburg (AWO-L) voerde dit onderzoeksproject uit in samenwerking met een landelijke stuurgroep bestaande uit vertegenwoordigers van CZ, het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), de Landelijke Organisatie Cliëntenraden (LOC), het Zorginstituut Nederland (ZIN), de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) en de Vereniging Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland (V&VN). Het onderzoek werd mede ondersteund door Limburg Meet (LiMe) en gefinancierd door: CZ & AWO-L.

Lees ook