16 november 2020
Digital Technology

De revolutie komt niet per telegram

De aanhoudende massademonstraties in de straten van Wit-Rusland sinds Aleksandr Loekasjenko’s zeer overtuigende en – daar zijn de meesten het wel over eens - zeer dubieuze verkiezingswinst worden de ‘Telegramrevolutie’ genoemd, naar de berichten-app. Mariëlle Wijermans van de UM probeert hier kanttekeningen bij te zetten en denkt na over de rol van sociale media bij het verstoren van onze toegang tot informatie. Like and subscribe als je nuance en bezinning kunt waarderen…

Non così bella-rus

Aleksandr Loekasjenko, sinds 1994 president van Wit-Rusland, eiste op 9 augustus 2020 met een bescheiden 80 procent van de stemmen de verkiezingswinst op. Zijn belangrijkste tegenstander was Svetlana Tikhanovskaya, die aan de verkiezingen deelnam in plaats van haar man Sergei Tikhanovsky, die in de gevangenis zat. Wit-Russische en internationale waarnemers zeiden dat er bedrog was gepleegd. “De meeste schattingen, getelde stemmen en stembuspeilingen laten zien dat het doorgestoken kaart was. De Wit-Russen gingen de straat op.”

Loekasjenko blokkeerde een aantal dagen het internet. De oproerpolitie arresteerde duizenden vreedzame betogers; uit getuigenissen blijkt dat de veiligheidstroepen zich schuldig maakten aan geweld en marteling. Dit leidde op zijn beurt weer tot verdere protesten in heel het land – ondanks de internetcensuur. “Mensen gebruikten VPN-verbindingen of ontvingen nieuws via Telegram, ook uit de Wit-Russische diaspora. Telegram speelde ook een rol in de onderlinge communicatie tussen mensen.”

De moed en solidariteit van Wit-Russen

Schoot Big Tech dus te hulp? “Het speelde een rol bij het delen van informatie, maar dit narratief negeert het belang van menselijke interactie. Het onderzoek voor het MOBILISE-project, waaruit in het artikel geciteerd wordt, laat zien dat internet niet essentieel was bij het mobiliseren en coördineren. Mensen werden aangezet tot het deelnemen aan de protesten doordat ze zagen hoe demonstranten werden gearresteerd en lastiggevallen. Social media speelden een faciliterende rol, maar veel ging eigenlijk van mond tot mond.”

In de eerste dagen na de verkiezingen werd internet compleet platgelegd en moesten de Wit-Russen terugvallen op posters, flyers en – en dat was opvallend – met elkaar praten. “Er waren massabijeenkomsten van fabrieksarbeiders – Loekasjenko’s traditionele machtsbasis – en uit handopsteken bleek dat de meesten niet op hem hadden gestemd. Verkiezingsofficials toonden grote moed door resultaten van bepaalde stembureaus te delen, die twijfels opriepen over de totale uitslag. Het draaide om mensen, niet om technologie.”

Expertise en toegankelijkheid

Daarmee wil ze het belang dan digitale technologieën en communicatie overigens niet ontkennen – het is een van Wijermars’ onderzoeksthema’s. Ze denkt dat een gezond, genuanceerd publiek debat essentieel is voor de burgermaatschappij; ze wil graag haar steentje hieraan bijdragen en haar expertise met het publiek delen. “Natuurlijk ben ik er wel een beetje huiverig voor dat mensen dingen uit hun verband zouden kunnen halen… Het is belangrijk om te weten hoe journalisten werken en wat ze nodig hebben.”

Wijermars snapt dat wetenschappers daar misschien moeite mee hebben. “Je schrijft heel ingewikkelde papers waarin ieder woord correct en precies moet zijn, zodat je niet wordt aangevallen door je vakgenoten. Als je met de media praat, moet je je bewust zijn van het begripsniveau van het publiek. Ik probeer me te concentreren op een belangrijke nuance en die in te bedden in een bestaand narratief. Maar je moet een keuze maken en het kort en toegankelijk houden.”

Knallende koppen versus ingetogen inhoud

Als een expert op het gebied van de invloed van digitale technologieën op de mediapraktijk, begrijpt Wijermars welke druk er op de media wordt uitgeoefend. “De manier waarop we ons verhouden tot nieuws en het consumeren ervan is veranderd. Vanwege de noodzaak om geld te verdienen met online gedrag worden er knallende koppen gemaakt – zelfs boven evenwichtige artikelen – omdat die meer mensen zullen verleiden om erop te klikken.” Internetcensuur in Wit-Rusland is een duidelijk geval, maar de vrije media die er verslag van doen zijn dat net zo goed – al is het om andere redenen.

Sterk gepersonaliseerde nieuws-feeds en simplistische, tendentieuze verslaggeving – beide vanwege de commerciële druk om gedrag te beïnvloeden – zaaien verdeeldheid in de samenleving, omdat de basis voor het publieke debat erdoor wordt uitgehold. “Mensen worden zich er steeds meer bewust van dat online informatie problematisch is. Het aantal betaalde abonnementen op nieuwssites groeit zelfs – maar niet noodzakelijkerwijs in alle lagen van de maatschappij, dus dit zou zelfs tot verdere segmentering kunnen lijden.”

En dat is nog zonder dat we nepnieuws meewegen. “Uit onderzoek blijkt dat mensen niet weten wat de bronnen zijn voor de koppen in hun nieuws-feed­ – er is geen verantwoordingsplicht en er zijn geen gedeelde startpunten om het gesprek te gaan, zoals in de tijd dat grote delen van de bevolking aangewezen waren op een publieke omroep of een handvol kranten lazen. Dat is gevaarlijk als dit de basis vormt voor bijvoorbeeld politieke opvattingen en debat. Het is belangrijk dat we dit blijven onderzoeken en mensen hier bewust van maken.”

Foto UM homepage: Wikimedia Commons, Homoatrox | CC BY-SA 3.0

Dr. Mariëlle Wijermars is universitair docent Cyber-Security and Politics aan de Faculty of Arts and Social Sciences (FASoS). Ze doet onderzoek naar internet-governance en richt zich daarbij op de invloed van internetbeleid op de mensenrechten, en op het framen van cyberdreigingen en beleidsmaatregelen. Ze is co-redacteur van het onlangs verschenen Palgrave Handbook of Digital Russia Studies, dat een multidisciplinaire kijk biedt op hoe het ‘digitale’ niet alleen Rusland zelf verandert, maar ook de onderzoeksmethoden die wetenschappers gebruiken om Rusland te bestuderen.

Door: Florian Raith