Staalheffingen uitgelegd: Waarom verdubbelt de EU ze — en wat kost dat?

Opiniereeks Studio Europa Maastricht

De EU kondigde vorige week aan dat zij haar invoertarieven op staal gaat verdubbelen tot 50 procent, waarmee deze op hetzelfde niveau komen als die van de VS. Studio Europa Maastricht sprak met Mark Sanders, universitair hoofddocent International Economics aan de Universiteit Maastricht, over de laatste ontwikkelingen rondom de verhoging van de staalheffingen.

“Wat betekent deze maatregel voor de Europese economie? De standaardreactie van een econoom: het hangt ervan af. De economische effecten van dit beleid zullen zich vooral manifesteren via de invloed op de Europese staalprijzen en, in mindere mate, de productievolumes. De prijseffecten zijn het belangrijkst, omdat staal een grondstof is voor een breed scala aan industrieën. Maar die prijseffecten zullen waarschijnlijk beperkt blijven. Dat komt doordat dit niet de enige invoerheffing is. Het tarief is verhoogd van 25 naar 50 procent op al het staal van buiten de EU dat boven het importniveau van 2013 uitkomt, niet als reactie op de Amerikaanse heffing op EU-staal, maar vanwege het vermeende dumpen van Chinees staal op de wereldmarkt, dat toenam nadat de VS handelsbarrières tegen Chinese importen had opgeworpen.

Al vóór de handelsoorlogen hadden de Chinezen zwaar geïnvesteerd in hun staalindustrie en de sector gesubsidieerd, waardoor er een aanzienlijke overcapaciteit ontstond. Nu de Amerikaanse markt voor hen grotendeels is afgesloten, overspoelt die overcapaciteit de niet-Amerikaanse markten, met name de EU. We hebben wel meer staal nodig voor de defensie-industrie, maar niet zoveel meer, en we willen daarvoor niet afhankelijk zijn van China. Daarom stelt Europa nu een invoerheffing in op al het staal van buiten de EU, om de binnenlandse productiecapaciteit te beschermen.”

 Lees het hele artikel in het Engels op de website van Studio Europa Maastricht.

Lees ook