3 maart 2021

“Het efficiency-denken is doorgeschoten”

Het demissionaire kabinet trekt 8,5 miljard uit om de schade van de lockdown in het onderwijs te repareren. Voor hogescholen en universiteiten gaat het onder andere om een halvering van het collegegeld voor het komend studiejaar, extra docenten ter compensatie van de sterk gestegen studentenaantallen (doordat veel jongeren hun tussenjaar hebben geschrapt) en het verlengen van arbeidscontracten van jonge wetenschappers, voor wie het onzeker was of ze konden blijven. Jeroen Kooman, internist en directeur van EDLAB, het UM-instituut voor onderwijsinnovatie, juicht de maatregelen toe. “Het haalt de druk van de ketel.” 

Meer tijd in te halen

Als een ding duidelijk wordt in deze crisis is het dat de enorme druk op de studieduur belemmerend werkt voor studenten. “Als je iets heel efficiënt inricht, is er ook weinig rek. Bij onvoorziene omstandigheden is je buffer kleiner. Dat is wat deze crisis laat zien, ook in het onderwijs. Als student zou je eigenlijk moeten kunnen ontdekken dat een gekozen studie toch niet bij je past, zonder dat dit meteen enorme consequenties heeft. Het efficiency-denken is hier doorgeschoten. Nu de studenten door de lockdown veroordeeld waren tot hun kamer een geen stages of buitenlandervaring konden opdoen, is meer studietijd alleen nog maar belangrijker geworden. Geef ze meer tijd om te kunnen experimenteren en zich ook maatschappelijk en sociaal te ontwikkelen. Daar kan zo’n geldinjectie door de overheid zeker aan bijdragen. De komende jaren zullen we coulanter moeten zijn. Versoepel het bindend studieadvies bijvoorbeeld. Want de middelbare schoolleerlingen die nu onder moeilijke omstandigheden eindexamen moeten doen, zouden weleens minder probleemloos door kunnen stromen. Daar moeten wij en de overheid alert op zijn.”

De crisis heeft ook positieve kanten

Vanaf het begin van zijn loopbaan heeft Kooman patiëntenzorg, onderzoek en onderwijs gecombineerd. Als directeur van EDLAB ziet hij dat de crisis ook tot enorm veel nieuwe online onderwijsinitiatieven heeft geleid waarmee we in de toekomst, als alles weer ‘normaal’ is, ons voordeel kunnen doen. “We zijn bezig met het zogeheten Edvance-project waarin we in kaart brengen welke online onderwijsinitiatieven succesvol zijn. Dat doen we aan de hand van een literatuurstudie waarin we kijken naar wat er internationaal bekend is en intern kijken we met docenten, onderwijscoördinatoren en studenten naar wat voor hen wel en niet werkte. Eind dit jaar hopen we hiervan de resultaten te hebben. Blended learning, een geintegreerde combinatie van off- en online onderwijs, zal waarschijnlijk een grotere vlucht nemen . Online werkt goed om puur kennis te verwerven. Dat heb ik zelf gemerkt als tutor van eerstejaars, die omschakeling verliep soepel. Ik denk niet dat ze achterstand hebben opgelopen in kennisverwerving. Maar onderwijs is meer dan kennisverwerving: het gaat ook om socialisatie en persoonlijke groei, dat is moeilijker alleen online te verwezenlijken. Het probleem nu is dat studenten elkaar op geen enkele manier kunnen ontmoeten. Ze kunnen niet naar de sportclub, naar een vereniging, ze komen elkaar hier niet meer tegen. Dus het is niet alleen het online-onderwijs dat tot eenzaamheid leidt, het is de hele maatschappelijke situatie. Achteraf zullen we ook als maatschappij zien dat we heel veel geleerd hebben, maar daar hebben we een grote prijs voor betaald. Als we proberen er het goede uit te halen is het niet voor niets geweest.”

Stemmen is een morele plicht

Kooman kijkt met empathie naar de maatregelen die de overheid nam. “Er is veel kritiek op het kabinet, maar achteraf kun je altijd van alles vinden. Ik ga ervanuit dat ze het met de beste bedoelingen en naar beste weten op al die nieuwe en onverwachte ontwikkelingen hebben gereageerd en gehandeld. Ongetwijfeld kunnen dingen beter, maar het is gewoon een vreselijk moeilijke situatie. Ik kom zelf uit de gezondheidszorg, dus ik snap die prioritering. Zonder maatregelen waren we zeer waarschijnlijk overlopen.”

Wat Kooman gaat stemmen weet hij al, maar waar hij kan stemmen is nu nog onduidelijk. “Daar maak ik me wel zorgen over. Misschien zou het beter zijn de verkiezingen uit te stellen totdat alle oudere en kwetsbare mensen zijn gevaccineerd. Nu is de kans op een lage opkomst bijzonder groot omdat veel mensen niet durven te stemmen uit angst voor besmetting, dat zag je bijvoorbeeld onlangs in Catalonië. Daarmee is de democratie niet gediend. Stemmen vind ik een morele plicht, maar men moet ook zoveel mogelijk in staat worden gesteld om veilig te kunnen gaan stemmen.”

Jeroen Kooman, hoogleraar Chronisch Nierfalen bij onderzoeksschool NUTRIM en internist-nefroloog binnen het MUMC+, is sinds 1 september 2020 directeur van EDLAB, het UM-instituut voor onderwijsinnovatie. Vanaf het begin van zijn loopbaan heeft hij patiëntenzorg, onderzoek en onderwijs gecombineerd. Hij promoveerde in 1992 aan de UM en is ook alumnus van de Maastrichtse universiteit. Binnen het onderwijsinstituut van FHML heeft hij meerdere functies bekleed, waaronder die van bachelorcoördinator Geneeskunde en voorzitter van de opleidingscommissie Geneeskunde.  

Door: Annelotte Huiskes