Mijn tijd in Maastricht heeft me intellectueel gevormd

Als puber droomde Marcia Luyten, econome en cultuurhistorica, ervan om vanuit haar geboorteplaats Wijnandsrade naar Amsterdam te gaan, die wonderbaarlijke plek waar het allemaal gebeurt. Na haar studie aan de Universiteit Maastricht pakte ze uiteindelijk haar koffer en vertrok ze – misschien wel voorgoed. Maar ze is er weer. Luyten doet hier momenteel onderzoek voor haar boek Het geluk van Limburg. En alsof dat nog niet genoeg was is ze onlangs ook begonnen als presentatrice van het toonaangevende politieke discussieprogramma Buitenhof.

“Ik was in Artis in Amsterdam met een groep kinderen toen mijn telefoon ineens ging”, vertelt Luyten. Ze verwachtte “het zoveelste verzoek om deel te nemen aan een debat over ontwikkelingshulp”, aangezien ze in voorgaande jaren veel heeft geschreven over dat onderwerp “Toen de hoofdredacteur me vroeg of ik geïnteresseerd zou zijn om een van de drie presentatoren van Buitenhof te worden was ik stomverbaasd. Dat had ik helemáál niet verwacht. En weet je wat zo grappig is? De allereerste sollicitatiebrief die ik schreef was voor een functie bij Buitenhof. En toen kreeg ik alleen maar een afwijzing.”

Maar tijden veranderen, en Luytens werk als schrijfster, journaliste, publiciste en gespreksleidster is een goede voorbereiding gebleken voor haar eerste televisiebaan. “Ik heb relatief weinig ervaring met televisie, maar het is zeker niet voor het eerst dat ik een interview doe”, zegt ze. “Behalve talloze debatten leiden en interviews houden voor publiek presenteerde ik een praatprogramma bij De Balie, een centrum voor politiek, cultuur en media in Amsterdam. Uiteindelijk is er niet zo heel veel verschil tussen wat ik daar deed en wat ik in de studio ga doen.”

Van Maastricht naar Afrika
De basis voor het werk van Luyten werd gelegd aan de Universiteit Maastricht, waar ze zich na haar eindexamen inschreef voor de studie International Business aan de School of Business and Economics. “Al sinds mijn vijftiende wilde ik naar Amsterdam, maar ik koos ervoor om in Maastricht te gaan studeren vanwege het PGO-systeem (Probleemgestuurd Onderwijs)”, legt ze uit. “Ik wist meteen al dat dat veel meer te bieden had dan passief in een collegezaal zitten. Ik vind het nog steeds een fantastisch systeem; het stimuleert je om voor jezelf te denken.”

Misschien was het wel het PGO dat Luyten hielp haar echte passie te ontdekken: actief en, inderdaad, kritisch denken. Al snel besloot ze dat haar studie aan de School of Business and Economics “te praktisch” voor haar was en stapte ze over naar Politieke Cultuur aan de Faculteit der Cultuur- en Maatschappijwetenschappen. “Ik hoorde bij de eerste lichting studenten en iedereen was bijzonder gemotiveerd. Na college gingen we in het café verder met onze discussies, met bier, wijn of whisky erbij. Het was het type onderwijs waar je van droomt als je naar de film Dead Poets Society kijkt.”

Toen het tijd werd om geld te gaan verdienen meldde Luyten zich aan voor het diplomatenklasje van het ministerie van Buitenlandse Zaken – en ze werd aangenomen. Daar ontdekte ze dat ze niet geschikt was voor een leven als bureaucraat, maar ze vond er wel iets anders: de liefde van haar leven. In 2001 volgde ze hem naar Rwanda en zo deed zich een nieuw onderzoeksobject voor, dat uiteindelijk resulteerde in twee boeken. “Ik koos als thema Afrika en de manieren waarop ik de logica van dat werelddeel niet begreep. In een poging het te doorgronden veranderde Afrika onbewust de manier waarop ik naar Nederland keek. Ik kwam erachter dat het bestaan van onze democratische instellingen en regelingen helemaal niet zo vanzelfsprekend is, want ik heb met eigen ogen gezien hoe moeilijk het is om ze te verwerven.”

Terug naar de basis
En ze is, op het moment van dit interview, in Heerlen, om onderzoek te doen voor haar nieuwe boek Het geluk van Limburg. Een journalistieke beschrijving van de economie en de economische structuur van Limburg door de jaren heen: een wereld van verschil met haar geliefde onderwerp Afrika. “Ik ben lang genoeg weggeweest om Limburg te bekijken door de ogen van een buitenstaander”, legt Luyten uit. “Net als Afrika zie ik het als een exotisch gebied dat ik probeer te begrijpen.”

De drang om over deze streek te schrijven kwam door een fenomeen dat ze niet zo snel kon thuisbrengen. Waarom stemden zoveel Limburgers op PVV-politicus Geert Wilders, wiens voorgestelde maatregelen niet leiden tot meer welvaart voor een vergrijzende bevolking?

Volgens Luyten ligt het antwoord in de periode van de steenkoolmijnen, de jaren 1950 en 1960, de decennia die de kern van haar boek vormen. “In twintig jaar tijd is Zuid-Limburg in hoog tempo geïndustrialiseerd. Het was een welvarende en daardoor gelukkige tijd, maar ook een periode van welwillende dictatuur door de kerk, de overheid en de mijnen. Mensen hoefden zelf niet na te denken: hun hele leven werd immers voor hen geregeld. Ik denk dat een groot deel van de zorgen en de rancune van tegenwoordig, veroorzaakt door de sluiting van de mijnen, teruggaat op die periode.”

Het belooft een fascinerend en inzichtelijk verhaal te worden, maar voor de details moeten we wachten tot 2014, als het boek uitkomt. Voor iedereen die niet kan wachten: in de tussentijd is Luyten al op tv te zien, in Buitenhof.

Other testimonials