X Maastricht University
  • Print |
  • Close window

Brein, Beweging & Gedrag 1

Academisch jaar 2010-11

Laatst gewijzigd
30-4-2011 1:20
Periode
Period 4 FHML/g   Startdatum: 10-Jan-11   Einddatum: 08-Apr-11
Code
AKO1004
ECTS credits
5.0
Eenheid
Fac. Health, Medicine and Life Sciences
Coördinator
J.M. Sieben - Wertz
Beschrijving
De drie aspecten van de module Brein, Bewegen en Gedrag zijn natuurlijk in 1 module samengebracht, omdat ze onderling sterk samenhangen. Bewegen is een belangrijk aspect van het leven, zowel in een meer letterlijke als ook overdrachtelijke betekenis; denk bijvoorbeeld aan AristotelesÆ : Leven is bewegen. Het bewegingsapparaat is voorwaardelijk voor het bewegen. We hebben het dan over 'botten, pezen, banden, spieren en gewrichten', in hun onderlinge samenhang, samenstelling en functie op zowel micro (bijvoorbeeld sub-cellulair) als macro (bijvoorbeeld een gewricht) nivo. De complexiteit van bewegen komt voort uit de centrale regulatie door de hersenen, maar ook het ruggenmerg, van waaruit middels het perifere zenuwstelstel de spieren worden ge?nnerveerd, maar niet zonder dat het regelsysteem ook de benodigde perifere feedback krijgt aangereikt. Maar de hersenen doen uiteraard meer. Zo komen ook de relatie met oog, gehoor en vestibulair apparaat aan bod. De hersenen zijn ook voorwaardelijk voor de complexe activiteit die we gedrag noemen, maar gedrag is niet alleen vanuit kennis van hersenfuncties te begrijpen. De zaak is ingewikkelder, u zult het wel merken en, er hopelijk genoegen aan beleven. U zult inmiddels gemerkt hebben dat de naam van de module niet de volgorde van de verschillende aspecten aangeeft: het brein moet in het midden, de hersenen staan centraal. Dit is niets nieuws, althans niet voor de meeste neurologen. Dat het ook in deze module het geval is, komt omdat we bij de opbouw hiervan gestreefd hebben om te gaan van 'perifeer naar centraal' en daarbij van 'eenvoudig naar complex'. Ook hebben we waar het ons mogelijk leek, gestreefd naar 'integratie', zowel wat betreft de drie hoofdonderwerpen van de module, als ook met de Vaardigheden, PARMA en KO. We zijn ons ervan bewust dat niet altijd gelukt is, wat we idealiter gewenst hadden. We staan open voor suggesties ter verbetering en dat geldt ook ten aanzien van de inhoud. De module kent een aantal onderwijsvormen: colleges, met ??n of soms meerdere docenten; practica; literatuurverwijzingen, met name voor zelfstudie; experimenten met uitwerking; een aantal taken of opdrachten; discussiebijeenkomsten, niet altijd met een docent/discussieleider. Verder is het mogelijk om 2 spreekuren bij te wonen. Hoewel de modulestof primair 'basaal' is, hebben we ernaar gestreefd e.e.a. zoveel mogelijk te verpakken in een klinische context in de hoop dat dit u motiveert, maar ook om uw inzicht op een hoger nivo van integratie te brengen. De colleges zullen zoveel mogelijk interactief zijn: wij maken u onrustig en wij verwachten ook het omgekeerde. Er is ook casusmateriaal, waarvan we hopen dat dit, al dan niet middels vragen gestuurd, u op het juiste pad zet ter vergaring van kennis en inzicht. De casus lenen zich bij uitstek tot discussie, bijvoorbeeld tijdens de discussiebijeenkomsten. Het staat een ieder vrij om andere leermiddelen en/of onderwijsvormen te bezigen( bijv. goede internetsites, maar weet dan zeker dat ze goed zijn). Sterker nog, het zou ons verbazen als u dit niet zou doen. Aanvankelijk zaten er geen 'samenscholingen met experts' in de module. Vanwege het grote enthousiasme hiervoor in de module Thorax, hebben we, zij het ter elfder ure, er nog een aantal ingeroosterd. Door gevarieerde onderwijsmogelijkheden aan te bieden hopen wij dat het verkrijgen van 'kennis en inzicht' gefaciliteerd wordt, waarbij dit ook geldt t.a.v. het inzicht in eigen functioneren. Dit laatste is van belang omdat onder omstandigheden waarin er geen inzicht of kennis voorhanden is, er toch beslissingen genomen moeten worden. Zo zit geneeskunde nu eenmaal in elkaar. Op het nivo van de individuele pati?nt hangt de kwaliteit van de dokter evenredig samen met zijn/haar strategie hoe om te gaan met onzekerheid. Zoals vaak gedacht leer je dat niet uitsluitend door 'ervaring' of 'schade (meestal van de pati?nt) en schande', maar dit kan deels ook worden geleerd. Een absolute voorwaarde hierbij is dat we academisch denken, d.w.z. zindelijk denken, en deze vorm van denken wordt met name gestimuleerd door wetenschappelijk bezig te zijn. In de BBG-module gebeurt dat niet alleen binnen de KO-lijn maar ook waar mogelijk, tijdens de andere onderdelen van de module. E?n van de centrale elementen daarbij is discussie, of om Aristoteles maar weer eens aan te halen: Wat is intelligentie anders dan discussie? . Inleidingsdeel Brein Kennis van de functionele anatomie van spieren, perifeer en centraal zenuwstelsel, en zintuigen is nodig voor het begrip van ziekten hiervan. De vraag die altijd naar voren komt, is: ôwat dan precies en hoeveel?ö. Dit geldt te meer voor een gecomprimeerd programma zoals de AKO-Master. Formeel gezien dient het raamplan basisartsopleiding 2003 als leidraad, maar dat geeft slechts eindvoorwaarden in klinische zin, en geen vertaling naar halverwege de opleiding of het begin ervan. Die vertaalslag hebben we dus zelf moeten maken. Het ôBreinö deel is een lijvig geheel, maar vooralsnog is de inschatting dat het programma voorwaardelijk is om verder te geraken. Studenten vinden vaak dat hetgeen wat met ôzenuwenö te maken heeft zo anders is dan de rest van de geneeskunde. Dat is deels wel te begrijpen: kennis van bijv ôde buikö is handig voor een huisarts, een internist, een chirurg, een uroloog, en wordt dan ook vanuit meerdere kanten op de korrel genomen. Het ôneuro gebeurenö staat wat meer op zichzelf; het neurologisch onderzoek is ook zo anders, magisch bijna als je ziet wat je met simpele trucs kan vaststellen. Echter, er is niets esoterisch aan, het is allemaal te leren. De basis daartoe verschaft deze module. . Inleidingsdeel Bewegen Motoriek, sensoriek en cognitie zijn samen een drie-eenheid dat de basis vormt voor ons gedrag. Gedrag wordt gekarakteriseerd door bewegen dat kan bestaan uit simpele activiteiten als lopen of fietsen maar ook spreken en mimiek. In de module zullen deze bewegingsaspecten in gevarieerde complexiteit aan bod komen, mede ge?llustreerd aan de hand van normale en gestoorde functie door ziekte. Steeds staat de interactie tussen motoriek, sensoriek en cognitie centraal die van beland is voor zowel het testen van een simpel reflex als bij het (her)leren boodschappen doen tijdens revalidatie na hersenletsel. Het spier-skeletstelsel wordt in relatie tot fysiologie en biomechanica van houding en beweging besproken. Tevens wordt de samenhang van diegene die beweegt en zijn omgeving toegelicht: bewegen of handelen van een individu wordt niet alleen bepaald door zijn eigenschappen maar ook de fysieke (thuis, op straat, bos) en sociale omgeving. . Inleiding Klinisch Onderzoeker Het algemene thema voor het Klinisch Onderzoekersdeel van deze module is het design van onderzoek. Ontwerpen van een goed onderzoek is gedurende vele jaren gebaseerd geweest op jarenlange ervaring in het wetenschappelijk onderzoek. In de afgelopen decennia worden steeds vaker bepaalde protocollen gevolgd voor het ontwerpen van wetenschappelijk onderzoek. Toch zijn er cruciale onderdelen die slechts na veelvuldig oefenen en het verwerven van een goed inzicht in het onderzoeksveld deskundig kunnen worden uitgeschreven. In deze module zullen wij aandacht besteden aan meerdere aspecten van het design. Dit zal zoveel mogelijk gebeuren in relatie tot de thematiek van het basisarts-gedeelte van deze module. Dit betekent dat meerdere designs op het terrein van neurologisch en gedragswetenschappelijk onderzoek de revue zullen passeren. Er is ook aandacht voor actieve participatie: zo zijn er twee practica ingepland, alsook een module- overspannende actie in het beschrijven van de 5 grote onderzoeksinstituten van de UM.
Doel
Instructietaal
NL
Voorwaarden
Aanbevolen literatuur
Lesmethoden
PGO
PRESENTATIE(S)
COLLEGE(S)
OPDRACHT(EN)
TRAINING(EN)
WERKBEZOEK(EN)
Toetsvormen
SCHRIFTELIJK TENTAMEN
AANWEZIGHEID
PARTICIPATIE
PRESENTATIE
Kernwoorden
  • © Universiteit Maastricht |
  • Disclaimer