Etnische diversiteit op school heeft negatief effect op leerprestaties
17 juni 2010
Inauguratie professor Jaap Dronkers, hoogleraar internationaal onderwijsonderzoek
15-jarige leerlingen van scholen met een grote etnische diversiteit presteren minder goed dan vergelijkbare leerlingen van scholen met een homogene samenstelling. Dat geldt zowel voor allochtone als voor autochtone leerlingen. Dit negatieve effect is voor autochtone leerlingen het sterkst in onderwijsstelsels, zoals het Nederlandse, waarin een hiërarchie van schooltypen bestaan. Daarnaast speelt het aantal en de herkomst van allochtone leerlingen een belangrijke rol. Een hoger aandeel leerlingen uit islamitische landen op een school beïnvloedt de prestaties van alle leerlingen negatief, terwijl een hoger aandeel van leerlingen uit Zuid- en Oost Azië een positief effect heeft op de schoolprestaties van leerlingen. Tot deze conclusie komt Jaap Dronkers onder meer na empirisch onderzoek met internationale PISA data, waarvan hij in zijn inaugurele rede verslag doet.
Een hoger aandeel allochtone leerlingen op een school bevordert de onderwijsprestaties van allochtone leerlingen alleen dan, wanneer die allochtone medeleerlingen uit dezelfde regio komen. Dit geldt met name voor allochtone leerlingen uit islamitische landen en uit Zuid- en Oost Azië. Dit positieve effect van etnische homogeniteit in scholen kan de aantrekkingskracht van bijvoorbeeld islamitische, witte en joodse scholen verklaren. Met het uitspreken van de oratie Positieve maar ook negatieve effecten van etnische diversiteit in scholen op onderwijsprestaties, aanvaardt professor Jaap Dronkers op donderdag 17 juni de leerstoel ‘International comparative research on educational performance and social inequality’ aan het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA) van de Universiteit Maastricht.
Lees ook het persbericht.
<< Terug
