Academisch leiderschap
Het Academisch Leiderschap Programma (ALP) heeft tot doel om een goede basis te leggen voor leidinggevende capaciteiten en om deze leiderschapscompetenties blijvend verder te ontwikkelen. Op deze wijze wordt leiderschap verankerd en wordt blijvend geïnvesteerd in de kwaliteit van leidinggeven.
Het aanbod van het ALP is gericht op wat leidinggevenden zouden moeten en kunnen ontwikkelen uit hoofde van hun functie. Het UFO-profiel en het competentieprofiel van de eigen functie gelden hierbij als vertrekpunt. Deelname geschiedt op grond van de individuele ontwikkelbehoefte: de leidinggevende kiest in overleg met zijn baas zijn eigen leertraject en draagt hier ook de verantwoordelijkheid voor.
Het ALP hecht veel waarde aan inbreng vanuit de eigen praktijk van de deelnemers. En wil er aan bijdragen dat het geleerde ook daadwerkelijk in de praktijk wordt toegepast. De leidinggevende van de deelnemer vervult hierbij een belangrijke rol.
Het ALP UM moet deel uit gaan maken van een cultuur die persoonlijke ontwikkeling, uitwisseling van kennis en ervaring én samenwerking bevordert. 'On-the-job' leren en zelfreflectie zijn hier onlosmakelijk mee verbonden.
Om in de diverse behoeften te kunnen voorzien, is het ALP gericht op drie groepen van leidinggevenden:
Laatst gewijzigd: 10-04-2012
